Schriftuitleg


Schriftuitleg van zondag 15 september 2019.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten

Eerste lezing Exodus 32, 7-11.13-14

In die dagen sprak de Heer tot Mozes: 'Ga nu naar beneden, want het volk dat ge uit Egypte hebt geleid, is tot zonde vervallen. Zij zijn nu al afgeweken van de weg die Ik hun had voorgeschreven; ze hebben een stierenbeeld gemaakt, ze buigen zich daarvoor neer, ze dragen er offers voor op en schreeuwen: Israel, dit is de god die u uit Egypte heeft geleid'. Ook sprak de Heer tot Mozes: 'Ik zie nu hoe halsstarrig dit volk is. Laat Mij begaan; dan kan Ik hen met mijn brandende toorn vernietigen. Maar van u zal Ik een groot volk maken'. Mozes trachtte de Heer, zijn God, gunstig te stemmen en vroeg: 'Waarom Heer, uw toorn laten woeden tegen het volk dat Gij met grote kracht en sterke hand uit Egypte hebt geleid? Denk aan uw dienaren Abraham, Izaak en Israel, aan wie Gij onder ede beloofd hebt: Ik zal uw nageslacht talrijk maken als de sterren aan de hemel, en heel het land waarover Ik heb gesproken zal Ik uw nakomelingen voor altijd in bezit geven. Het zal voor eeuwig hun erfdeel zijn'. Toen zag de Heer af van het onheil waarmee Hij zijn volk had bedreigd.

Tweede lezing 1 Timotheus 1, 12-17

Dierbare, ik zeg dank aan Hem die mij sterkt, aan Christus Jezus onze Heer, dat Hij mij zijn vertrouwen heeft geschonken door mij in zijn dienst te nemen, hoewel ik eertijds een godslasteraar was, een vervolger en geweldenaar. Maar mij is barmhartigheid bewezen omdat ik, nog ongelovig, handelde in onwetendheid. En ik werd in rijke overvloed de genade van onze Heer deelachtig en daarmee het geloof en de liefde die in Christus Jezus zijn. Dit woord is betrouwbaar en volkomen geloofwaardig: 'Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars te redden'. En de eerste van hen ben ik. Daarom juist is mij barmhartigheid bewezen: Jezus Christus wilde heel zijn lankmoedigheid bewijzen, aan mij als eerste, als een model voor allen die in de toekomst op Hem zouden vertrouwen en eeuwig leven winnen. Aan de koning der eeuwen, aan de onvergankelijke, onzichtbare, enige God zij eer en roem in de eeuwen der eeuwen! Amen.

Evangelielezing Lucas 15, 1-32

In die tijd kwamen tollenaars en zondaars van allerlei slag bij Jezus om naar Hem te luisteren. De Farizeeen en de schriftgeleerden morden daarover en zeiden: 'Die man ontvangt zondaars en eet met hen'. Hij hield hun deze gelijkenis voor: 'Wanneer iemand onder u honderd schapen heeft en er een verliest, laat hij dan niet de negenennegentig in de wildernis achter om op zoek te gaan naar het verlorene totdat hij het vindt? En als hij het vindt: legt hij het vol vreugde op zijn schouders en gaat naar huis, roept zijn vrienden en buren bij elkaar en zegt hun: Deelt in mijn vreugde, want mijn schaap dat verloren was geraakt heb ik gevonden. Ik zeg u: zo zal er in de hemel meer vreugde zijn over een zondaar die zich bekeert dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen bekering nodig hebben. Of welke vrouw die tien zilverstukken bezit en er een verliest, steekt niet een lamp aan, veegt niet het huis en zoekt niet zorgvuldig totdat ze het vindt? En als ze het gevonden heeft, roept ze haar vriendinnen en buurvrouwen bij elkaar en zegt: Deelt in mijn vreugde, want het zilverstuk dat ik had verloren, heb ik gevonden. Zo, zeg Ik u, is er vreugde bij de engelen van God over een zondaar die zich bekeert'. Hij sprak: 'Een man had twee zonen. Nu zei de jongste van hen tot zijn vader: Vader geef mij een deel van het bezit waarop ik recht heb. En hij verdeelde zijn vermogen onder hen. Niet lang daarna pakte de jongste alles bij elkaar en vertrok naar een ver land. Daar verkwistte hij zijn bezit in een losbandig leven. Toen hij alles opgemaakt had kwam er een verschrikkelijke hongersnood over dat land en hij begon gebrek te lijden. Nu ging hij in dienst bij een der inwoners van dat land die hem het veld instuurde om varkens te hoeden. En al had hij graag zijn buik willen vullen met de schillen die de varkens aten, niemand gaf ze hem. Toen kwam hij tot nadenken en zei: 'Hoeveel dagloners van mijn vader hebben eten in overvloed, en ik verga hier van honger. Ik ga weer naar mijn vader en zal hem zeggen: Vader, ik heb misdaan tegen de hemel en tegen u; ik ben niet meer waard uw zoon te heten maar neem mij aan als een van uw dagloners'. Hij ging dus op weg naar zijn vader. Zijn vader zag hem al in de verte aankomen en hij werd door medelijden bewogen; hij snelde op hem toe, viel hem om de hals en kuste hem hartelijk. Maar de zoon zei tot hem: 'Vader, ik heb misdaan tegen de hemel en tegen u; ik ben niet meer waard uw zoon te heten'. Doch de vader gelastte zijn knechten: 'Haalt vlug het mooiste kleed en trekt het hem aan, steekt een ring aan zijn vinger en trekt hem sandalen aan. Haalt het gemeste kalf en slacht het; laten wij eten en feestvieren, want deze zoon van mij was dood en is weer levend geworden, hij was verloren en is teruggevonden'. Ze begonnen dus feest te vieren. Intussen was de oudste zoon op het land. Toen hij echter terugkeerde en het huis naderde hoorde hij muziek en dans. Hij riep een van de knechten en vroeg wat dat te betekenen had. Deze antwoordde: 'Uw broer is thuisgekomen en uw vader heeft het gemeste kalf laten slachten omdat hij hem gezond en wel heeft teruggekregen'. Maar hij werd kwaad en wilde niet naar binnen. Toen zijn vader naar buiten kwam en bij hem aandrong gaf hij zijn vader ten antwoord: 'Al zoveel jaren dien ik u en nooit heb ik uw geboden overtreden, toch hebt gij mij nooit een bokje gegeven om eens met mijn vrienden feest te vieren. En nu die zoon van u is teruggekomen die uw vermogen heeft verbrast met slechte vrouwen, hebt ge voor hem het gemeste kalf laten slachten'. Toen antwoordde de vader: 'Jongen, jij bent altijd bij me en alles van mij is ook van jou. Maar er moet feest en vrolijkheid zijn, omdat die broer van je dood was en levend is geworden'.

Uitleg:

Het thema van deze zondag is: 'Vreugde en dankbaarheid'. Vreugde om alles wat God ons mensen geeft - of niet geeft - en dankbaarheid voor alles wat wij van Hem krijgen zijn belangrijke elementen om het kindschap van God te bereiken. Want wat God aan een mens geeft is altijd in het belang van deze mens. Wat Hij een mens onthoudt, ook al werd het Hem gevraagd, dat was kennelijk niet goed voor die mens. Van God uit komt alle goeds. Een mens, vertrouwend op God, die voor alles wat God hem geeft, dankbaar is, omdat dit op de een of andere wijze goed is voor hem, die is serieus op weg naar het eeuwige leven bij God in Jezus Christus. War hem staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Zo heb ik, meer dan een halve eeuw geleden, enkele vingers verloren onder een zaagmachine. Pas vele jaren later begreep ik dat ik geestelijk verloren dreigde te gaan op de wijze waarop ik toen leefde. Door het verliezen van deze vingers kreeg mijn leven een andere draai, waardoor ik geestelijk kon overleven. Niet langer was het materiele belangrijk, maar steeds meer werd het geestelijke belangrijk in mijn leven. Al ben ik ervan overtuigt dat ook de gebeden van mijn ouders en andere mensen daartoe hebben bijgedragen. Want bidden voor iemand die verloren dreigt te gaan op geestelijk gebied, helpt. Ik was een schaap en had de weg verloren en mijn Herder, Jezus Christus, heeft mij teruggevonden. Ja, maar een schaap moet wel blaten, alvorens zijn herder hem kan vinden. Anders gezegd: een mens moet wel uit eigen vrije wil door God gered willen worden. Hij zelf moet naar de Vader in de hemel gaan verlangen en Gods Geboden gaan volgen; ook als hij deze niet begrijpt of niet helemaal begrijpt. Maar wat is er eigenlijk zo moeilijk aan Gods Geboden, die allemaal neerkomen op het ene Gebod van de liefde? Het is n onze natuur ingebakken om lief te hebben. Welke moeder - en vader - houdt niet, als het ware instinkmatig, van hun eigen kinderen en al helemaal als deze volkomen hulpeloos in een wieg liggen? En toch, ongeveer tweeenvijftig miljoen keer per jaar wordt een kind, met instemming van de moeder, al in het lichaam van de moeder vermoord, tegenwoordig vaak als het kind al deels geboren is. Zijn wij mensen echt zo duivels geworden, dat wij onze eigen kinderen vermoorden? De elite, die ervoor gezorgd heeft dat dit 'legaal' kan geschieden, zeker. Maar heel veel vrouwen worden in een positie gebracht dat zij, voor hun eigen gevoel, geen andere keus hebben. De duivelse abortus lobby laat geen gelegenheid onbenut om zoveel mogelijk kinderen te vermoorden. Daarom ook zijn zij hels als er mensen zijn die, nota bene voor hun kindermoord fabrieken, dus hun abortusklinieken, deze wanhopige vrouwen een uitweg bieden om hun kind te laten leven. Zo duivels is onze wereld geworden dat het vermoorden van kinderen als iets 'heel normaals' wordt afgeschilderd, maar het aanbidden van God als iets wat dwaas is. Maar wat is dwazer; het vermoorden van ons eigen nageslacht, waardoor de mensheid zou kunnen uitsterven, of het aanbidden van onze Schepper, die ons Geboden, Wetten heeft gegeven, welke helemaal passen bij de natuur van elk mens? Deze dwaasheid is overigens al heel erg oud; want toen Mozes op de berg de Tien Geboden ontving, was het volk Israels al vergeten hoe God hen, onder grote tekenen, uit Egypte had geleid en maakten zij een gouden kalf om die te aanbidden. Zij imiteerden dus de dode goden van Egypte. Geen wonder dat God vertoornt was. Maar God liet Zijn liefde voor de mensen gaan boven zijn terechte toorn. Uiteindelijk werden alleen de ergste raddraaiers, die geestelijk niet te redden waren, gedood. En ja, ook God kan vertoornt zijn; immers alle eigenschappen van de mens heeft ook God in Zich, anders konden Zijn schepselen deze ook niet hebben. Maar bij God is alles in een volmaakt evenwicht; bij ons mensen niet. Bij God is een liefdevolle barmhartigheid als basis voor Zijn handelen, iets wat Paulus aan Timotheus bekende. Want ook Paulus had gezondigd door de volgelingen van Jezus Christus te vervolgen, voor hij werd bekeert op de weg naar Damascus. Aan hem vergaf God alle zonden, welke hij begaan had en Paulus werd de ijverige apostel voor de heidenen in zijn tijd. Ook nu is God in Jezus Christus - de enige God die werkelijk bestaat - bereid om zondaren hun zonden te vergeven. Maar dan zal de zondaar, als een verloren zoon, moeten terugkeren naar zijn Vader om Hem om genade en vergeving te vragen. De actie dient dus van de mens uit te komen; want geen mens wordt gedwongen om het eeuwige leven binnen te gaan. Als een mens met alle geweld naar de hel wil gaan, dan ligt ook die weg open. Hij hoeft enkel maar te volharden in het afwijzen van God en diens Geboden, ja zelfs het bestaan van God te ontkennen, en Satan zal hem, zo ongemerkt mogelijk, zijn rijk, de hel, binnen leiden. Zoals altijd bij leugenaars en zondaren, krijgen natuurlijk anderen de schuld dat hij in de hel zit, maar hij heeft het wel helemaal zelf gedaan. Momenteel zijn er zoveel God ontkennende mensen op Aarde - of, als zij Gods bestaan erkennen, dan toch niet bereid zijn om Zijn Geboden van liefde te onderhouden, dus te doen - dat, om niet alle mensen voor het eeuwige leven verloren te laten gaan, Jezus Christus nu Zijn duizenden jaren geleden aangekondigde wederkomst aan het voorbereiden is. In Zijn grenzeloze barmhartigheid heeft Hij al aangekondigd dat Hij alle mensen op Aarde, die tot verstand zijn gekomen, een Waarschuwing zal geven hoe zij er in Gods ogen voor staan. Wie zich dan alsnog bekeren onder het vragen van genade en vergeving - en daarin volharden - zijn gered voor de eeuwigheid. Wie Zijn Waarschuwing in de wind slaan, of vervallen in hun oude zonden, die zijn verloren en mogen, met Satan, mee de hel in. Maar dat is dan wel een vrije keuze uit hun eigen vrije wil en zij hoeven er niemand voor te bedanken, dan enkel zichzelf. Maar waarom wachten op deze Waarschuwing? U bent volkomen vrij om u nu reeds te bekeren en geen duivel, ook niet de mens geworden duivels, of demon kan u dit beletten; God weet Zijn kinderen heel goed te beschermen. En wie zich bekeert en daarin volhardt weet zeker dat hij, na dit leven op Aarde, richting hemel zal gaan. Wellicht ook naar de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen tegenkomen.

Amen.

Cor Huizer

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net



 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN