Schriftuitleg


Schriftuitleg van 18 maart 2018.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten

Eerste lezing Jeremia 31,31-34

Er komt een tijd - godsspraak van de Heer -, dat Ik met Israël een nieuw verbond sluit. Geen verbond zoals Ik met hun voorvaderen gesloten heb, toen Ik hen bij de hand heb genomen om hen uit Egypte te leiden. Want dat ver­bond hebben zij verbroken, ofschoon Ik hun meester was - godsspraak van de Heer. Dit is het nieuwe verbond dat Ik in de toekomst met Israël sluit: Ik leg mijn wet in hun bin­nenste; Ik grif ze in hun hart. Ik zal hun God zijn, en zij zullen mijn volk zijn. Dan hoeft niemand een ander nog voor te houden: Leer de Heer kennen. Want iedereen, groot en klein, kent Mij dan - godsspraak van de Heer. Dan vergeef Ik hun misstappen; Ik denk niet meer aan hun zonden.

Tweede lezing Hebreeën 5, 7-9

Broeders en zusters, in de dagen van het sterfelijk leven heeft Christus onder luid geroep en geween gebeden en smekingen opgedragen aan God die Hem uit de dood kon redden. Om zijn vroomheid is Hij verhoord: hoewel Hij Gods Zoon was, heeft Hij in de school van het lijden ge­hoorzaamheid geleerd; en toen Hij het einde had bereikt, is Hij voor allen die Hem gehoorzamen oorzaak geworden van eeuwig heil.

Evangelielezing Johannes 12, 20-33

Onder degenen die bij gelegenheid van het feest optrokken ter aanbidding waren ook enige Grieken. Deze nu klampten Filippus van Betsaïda in Galilea aan en vroegen hem: ‘Heer, wij zouden Jezus graag spreken’. Filippus ging het aan Andreas vertellen en ten slotte brachten Andreas en Filippus de boodschap aan Jezus over. Jezus echter ant­woordde hun: ‘Het uur is gekomen, dat de Mensenzoon verheerlijkt wordt. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: als de graankorrel niet in de aarde valt, blijft hij alleen; maar als hij sterft, brengt hij veel vrucht voort. Wie zijn leven be­mint, verliest het; maar wie zijn leven in deze wereld haat, zal het ten eeuwigen leven bewaren. Wil iemand Mij die­nen, dan moet hij Mij volgen; waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn. Als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren. Nu is mijn ziel ontroerd. Wat moet Ik zeggen? Vader, red Mij uit dit uur? Maar daarom juist ben Ik tot dit uur ge­komen. Vader, verheerlijk uw naam’. Toen kwam er een stem vanuit de hemel: ‘Ik heb Hem verheerlijkt en zal Hem wederom verheerlijken’. Het volk dat erbij stond te luiste­ren, zei dat het gedonderd had. Anderen zeiden: ‘Een en­gel heeft tot Hem gesproken’. Maar Jezus sprak: ‘Niet om Mij was die stem, maar om u. Nu heeft er een oordeel over de wereld plaats, nu zal de vorst dezer wereld worden bui­ten geworpen; en wanneer Ik van de aarde zal zijn omhoog geheven, zal Ik allen tot Mij trekken’. Hiermee duidde Hij aan welke dood Hij zou sterven.

Uitleg:

Het thema van deze vijfde zondag van de vasten is: ‘Een nieuw hart’. Wie de keuze maakt om uit zijn cocon van zelfzucht te stappen en van God en de naasten te gaan houden, die krijgt van God een nieuw hart. Een hart vol liefde en mededogen met de naasten. Geen sentimenteel ‘goed gevoel’, maar echte naastenliefde, die zoekt naar wat de naaste van je nodig hebt. Dat kan een arm om de hals zijn bij verdriet, maar ook een terechtwijzing, wanneer de naaste iets doet, wat tegen de liefde in gaat. Want ook terechtwijzen en straffen behoort tot de naastenliefde. Wanneer een kind, uit onbegrepen liefde voor dat kind, nooit gestraft wordt voor wat die fout doet, dan groeit die uit tot een zeer zelfzuchtige volwassene, die enkel aan zichzelf denkt. Een onaangenaam persoon, omdat hij geen rekening wil houden met de belangen van anderen, tenzij hij wel zal moeten. Waar hij staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Een zelfzuchtig mens kan een aangepast gedrag vertonen, maar is niet eerlijk, omdat hij zijn ware kwade bedoelingen en gevoelens zoveel mogelijk verbergt. Hij zal niet de waarheid zoeken, maar zijn eigenbelang voorop stellen. Dit in tegendeel met mensen die oprecht in God in Jezus Christus geloven en Zijn Leer ook doen. Die mensen zoeken naar wat waar en goed is en hun gedrag is eerlijk, omdat zij geen kwade bedoelingen hebben. Ook zij zullen, indien nodig, hun gevoelens verbergen, omdat er anders misbruik van kan worden gemaakt. Zij hebben van God een nieuw hart gekregen en houden van God en van mensen. Niet om er zelf beter van te worden, maar om de mensen zelf, ook als deze mensen hen wel kwaad doen of willen doen. Want voor Satan en zijn demonen is niets ergers dan liefde voor anderen, omdat zij zelf geen liefde hebben is dat voor hen een gruwel. Maar wie niet goedwillend is en God volgt, valt ongetwijfeld in de handen van Satan en zijn trawanten en wordt, vanuit zijn zelfzucht, zelf ook kwaadaardig. Maar daarmee sluit hij zichtzelf op in de kleine cocon van het egoïsme, die liefde voor een ander uitsluit en daarom ook zeer hard en kil is voor andere mensen, wat ook tot uitdrukking komt in zijn daden, zijn handelen. Mensen, die zo leven zijn het die ervoor zorgen, ja ervoor gezorgd hebben, dat de wereld hard en koud wordt (geworden is) en geen wederzijdse liefde meer kent. De Israëlieten hebben hun verbond met God verbroken, waarom God Zelf op Aarde is gekomen en tussen ons mensen heeft geleefd als Jezus Christus, niet om ons te veroordelen, maar om ons te redden. Wij mensen, hoofdzakelijk in Europa, hebben heden het nieuwe verbond met God in Jezus Christus verbroken, door de christelijke leer, die ons zoveel voordeel heeft gebracht, af te gaan wijzen en zelfs het bestaan van God te gaan ontkennen. God heeft nog niet Zijn wet in ons binnenste gelegd, noch in ons hart gegrift. Dat komt binnenkort, als Jezus Christus terug keert op Aarde on te oordelen over levenden en doden. Dan wordt Satan, al zijn demonen en al zijn volgelingen op Aarde – die zich niet willen bekeren – naar de hel gezonden en zal de Aarde omgevormd worden tot een aards paradijs. Er is daarna nog maar één Kerk over, die Kerk die Jezus Christus, toen Hij op Aarde leefde, heeft gesticht. Maar de huidige tijd heeft de school van het lijden in gehoorzaamheid afgewezen. Niet God maar wij mensen maken zelf wel uit hoe te leven. Wij hangen aan het leven, maar in onze hoogmoed vermoorden wij, zonder enig gewetensbezwaar, ongeveer 52 miljoen (52.000.000) kinderen, nog voor zij geboren zijn en er zijn mensen die ervoor pleiten om, ongestraft, kinderen tot vijf jaar, volkomen willekeurig, naar de grillen van hun ouders – lees moeder – , te mogen vermoorden. Maar ieder, die voor abortus provocatus is, die is zelf reeds geboren; zij beslissen gemakkelijk voer het leven van andere mensen. En zo is het ook met mensen, die door ziekte of ouderdom, nooit meer ‘nuttig’ kunnen zijn voor de samenleving; ook die worden gestimuleerd – of zelfs gedwongen – om voortijdig te sterven, want dan kosten zij niets meer. Dus, niet alleen wijzen wij de gave van God af voor de start van het leven, wij willen in onze grenzeloze hoogmoed en liefdeloosheid, ook beslissen over het leven van wie, in onze ogen, niet langer nuttig meer is. Maar daartoe zijn wij mensen niet op Aarde! Wij hebben ons aardse leven gekregen om, onder door God gegeven beproevingen, waardig te worden om in Zijn Rijk te komen en, indien wij daarnaar leven, als Zijn kinderen. Goed, ook al is de hoogmoed in onze tijd tot ongekende hoogte gestegen, zij is niet nieuw. Adam en Eva begonnen er al mee, toen zij gelijk wilden zijn aan God en daarom van de verboden vrucht aten. En al hun nakomelingen – alle mensen op Aarde – zijn daar, in meer en mindere mate, mee behept. De Tempelpriesters wilden uit hoogmoed – en het is hun gelukt ook – hun Heer en God, Jezus Christus, vermoorden en wel zo wreed en vernederend mogelijk, namelijk aan een kruis. Daarvoor hadden zij de Romeinen nodig, omdat deze hen – heel wijs – hadden verboden dit zelf te doen. Daarom waren de Romeinen alleen de uitvoerders van hun hoogmoedige wensen, maar deze Joodse leiders van de Tempel de opdrachtgevers, de aanstichters. Jezus Christus wist dit alles van tevoren – want Hij is God – en Hij vergeleek Zijn sterven met een graankorrel, welke ook moet sterven om veel vrucht te kunnen dragen. En Jezus Christus heeft nu al twee millennia heel veel vrucht gedragen, want na het heidens worden van Europa zijn er werelddelen, die niet of kort zijn veroverd door Europeanen, die nu pas van Zijn Leer gaan profiteren. Maar niet alleen een graankorrel moet sterven in de aarde, voordat die vrucht kan dragen; ik wil u de vergelijking voorhouden van de rups en de vlinder. Het einde van de rups is de vlinder, die schitterender is dan de rups. Zo is het ook met ons gewone mensen; ons aardse leven is als het zaad, waarvan de vruchten in het hiernamaals worden genoten, ofwel van een rups, die pas in het hiernamaals een vlinder wordt en dan kan uitvliegen. Kortom, op Aarde hebben wij een proefleven en pas in het hiernamaals volgt het echte, eeuwigdurende leven, niet langer in ons zware lichaam, maar wel in onze ziel. Die mensen, die hun leven in zelfzucht verpest hebben, kunnen naar het hiernamaals niets meenemen; want alles wat zij meende te hebben op Aarde blijft hier achter voor anderen. Zij komen straatarm en met lege handen aan in het hiernamaals. Wie geleefd heeft naar Gods Geboden – dus de Leer van Jezus Christus hebben gedaan – die nemen een grote schat mee naar het hiernamaals; hun liefde! Zij komen dan ook in de hemel, hun eeuwige thuis. Wellicht ook in het huis van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen aantreffen.

Amen.

Cor Huizer

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net



 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN