Schriftuitleg


Schriftuitleg van Nieuwjaarsdag 1 januari 2019.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten

Eerste lezing Numeri 6,22-27

De Heer sprak tot Mozes: 'Zeg aan Aaron en zijn zonen: Als gij de Israelieten zegent, doe het dan met deze woorden: Moge de Heer u zegenen en u behoeden! Moge de Heer de glans van zijn gelaat over u spreiden, en u genadig zijn! Moge de Heer zijn gelaat naar u keren, en u vrede schenken! Als zij zo mijn naam over de Israelieten uitspreken, zal Ik hen zegenen'.

Tweede lezing Galaten 4,4-7

Broeders en zusters, toen de volheid van de tijd gekomen was, zond God zijn eigen Zoon, geboren uit een vrouw, ge-boren onder de wet om ons, slaven van de wet, vrij te ma-ken, zodat wij de rang kregen van zonen. En omdat ge zo-nen zijt, heeft God de Geest van zijn Zoon, die 'Abba, Vader!' roept, in ons hart gezonden. Ge zijt dus niet langer slaaf maar zoon en als zoon ook erfgenaam en wel door toedoen van God.

Evangelielezing Lucas 2, 16-21

In die tijd haastten de herders zich naar Bethlehem, en von-den Maria en Jozef en het pasgeboren kind, dat in de krib-be lag. Toen ze dit gezien hadden, maakten ze bekend wat hun over dit kind gezegd was. Allen die het hoorden, ston-den verwonderd over hetgeen de herders hun verhaalden. Maria bewaarde al deze woorden in haar hart, en overwoog ze bij zichzelf. De herders keerden terug, terwijl zij God verheerlijkten en loofden om alles wat zij gehoord en gezien hadden; het was juist zoals hun gezegd was. Toen de acht dagen voorbij waren, en men het kind moest be-snijden, ontving het de naam Jezus, zoals het door de en-gel was genoemd, voordat het in de moederschoot werd ontvangen.

Uitleg:

Het thema van deze Nieuwjaarsdag is: 'Gekomen om te dienen'. God is Mens geworden in Jezus Christus, maar niet om te heersen; neen Hij is gekomen om te dienen. God is een dienende God, die heel Zijn Schepping - dat is alles wat bestaat buiten God - dient door iedereen te voorzien van alles wat zij voor hun leven nodig hebben. Eigenlijk bestaat er niets buiten God, omdat alles wat bestaat en door God als het ware buiten Hem is geplaatst, niets anders zijn dan Gods oneindig vele gedachten en ideeen. Die heeft God in het bestaan, in de realiteit, geroepen en hen leven gegeven. Vervolgens houdt God hen, ons, met Zijn Wil vast en zorgt voor ons voortbestaan. De vorm kan veranderen, maar het leven blijft. God is Geest en daarom zijn ook al Zijn gedachten en ideeen geestelijk. Doordat er geesten zijn die in opstand kwamen tegen God en Hem wilden vervangen door zichzelf - wat een onmogelijkheid is - werden zij gevangen genomen in de materie. Vandaar dat de materie, alle materie, moet vergaan en weer opgenomen worden in de geestenwereld. De lichamen van planten, dieren en mensen moeten dus ook vergaan, om vervolgens opgenomen te worden in geestelijke vormen. Van planten en dieren is dat een tussenfase, waarin zij in hogere diersoorten worden opgenomen of, wanneer deze ziel daartoe rijp is, als mensenziel voor hun incarnatie - geboren worden als mens - klaar zijn voor een laatste leven op Aarde. Want de mens is de kroning op Gods Schepping. Op onze Aarde is elk mens geroepen om een kind van God te worden, maar wel uit eigen vrije wil. Als een mens dit niet wil, niet de voorwaarden waaronder hij een kind van God kan worden wil aanvaarden, dan is hij absoluut vrij om voor altijd een schepsel te blijven. Waar hij staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Wat niet wil zeggen dat zij nooit in een gelukzalige toestand in een hemel kunnen komen, maar het kindschap van God is voor hen uitgesloten. Daarvoor zal ieder mens toch echt de Weg door het leven moeten bewandelen, welke God in Jezus Christus ons heeft geleerd. Wie dat niet wil en zijn eigen dwaalwegen wil bewandelen is daar vrij in; maar elke keuze in het leven heeft altijd zijn eigen gevolgen. Om het ons gemakkelijk te maken heeft God ons een lichaam gegeven en, vanaf het begin, Zijn Geboden gegeven. Het lichaam kan dood gaan en dat enkel is al het bewijs dat daarin het leven niet zit; want anders zou het niet kunnen sterven. Het lichaam is de machine, waarvan de ziel zich bedient om op Aarde te kunnen leven. De ziel is altijd even groot als het lichaam en bevat alles, in geestelijke vorm, wat het lichaam bevat; want anders zou de ziel niet optimaal gebruik kunnen maken van zijn lichaam. De ziel heeft het eeuwige leven in zich; maar kan dit ook verspelen, door een ander leven te leiden dan dat God ons aanbevolen heeft. God is Liefde en wie God verwerpt, die verwerpt ook de liefde. Omdat liefde en leven precies hetzelfde is, wordt met God ook het eigen leven verworpen en sterft de ziel geestelijk. Dat wil zeggen dat zo'n ziel wel blijft voortbestaan, maar geen liefde in zich heeft, dus ook geen leven. Vandaar dat deze mensenzielen elkaar opzoeken op een plaats waar geen spoor van liefde te vinden is; de hel. Wij kennen al het spreekwoord: 'soort zoekt soort'. Dat is in de dierenwereld het geval, maar ook mensen zoeken die mensen op welke dezelfde mentaliteit hebben als zij zelf, want daar voelen zij zich het meeste thuis. In de wereld van de geesten is dat niet anders. Wie geen liefde heeft voelt zich het beste thuis in de hel; wie veel liefde heeft, die wil graag naar daar waar veel liefde is; de hemel. Deze keuzes worden hier op Aarde al gemaakt door de maner waarop wij leven. Wie alles wat materieel is nastreeft, die zal weinig of geen liefde hebben voor anderen, omdat deze altijd zijn streven naar meer materiele goederen, macht en/of aanzien in de weg staan. Hij offert als het ware het gebod van naastenliefde op in zijn streven naar wereldse rijkdom en werelds aanzien. Wie God en de naasten het belangrijkste vind, zal weinig of geen behoefte hebben aan aardse rijkdoem, eer, macht en aanzien. Hij zal altijd, voor alles, de liefde voor God en zijn naasten voorop stellen. Ziet u de kloof tussen deze twee mentaliteiten? Natuurlijk zullen er ook mensen zijn die hier tussen zitten; maar men kan niet van twee walletjes eten. Of, zoals Jezus Christus het ons leerde: 'men kan geen twee heren dienen, niet tegelijkertijd God en de mammon'. Wij mensen moeten echt kiezen: Ofwel kiezen wij God en al Zijn Geboden, ofwel kiezen wij de geneugten van de wereld; beiden tegelijkertijd kan niet! Dan dreigen wij af te glijden naar wat de wereld biedt, maar dan verliezen wij God. Wie God kiest in de loop van zijn leven, die zal op een gegeven moment tot het besef komen dat hij wel in de wereld leeft, maar niet langer van de wereld is. Dat is de beste keuze, want na dit relatief korte leven op Aarde komt de oneindigheid in het hiernamaals, en dan, althans zo denk ik erover, is het beter in een leven van liefde te leven, dan in een liefdeloze omgeving te moeten wonen. Maar iedereen maakt deze keuze uiteindelijk voor zichzelf. Toch vraagt God niet veel van ons mensen; immers al Zijn Geboden zijn samen te vatten in een Gebod: Liefde! En ook hele gemeenschappen, hele volkeren wil God zegenen, zolang wij mensen elkaar maar op de juiste manier zegenen; namelijk uit liefde. Een vorm daarvan gaf God aan Mozes, zie daartoe de eerste lezing van vandaag. Uit liefde voor ons mensen is God Mens geworden in de volheid van de tijd. Jezus Christus is God, maar ook Mens en als Mens is Hij voor eeuwig de Zoon van God. Ook Hij is geboren uit een vrouw, een zuivere maagd, onder de wet om ons, slaven van de wet, vrije kinderen van God te maken. En Zijn geboorte is niet ongemerkt voorbij gegaan; want dit is de grootste gebeurtenis welke ooit op Aarde heeft plaatsgevonden. Groter nog dan de Schepping van de eerste mensen, Adam en Eva, - die er wel noodzakelijkerwijs aan vooraf moest gaan - omdat zij schepselen waren, maar Jezus Christus is God. En het waren juist die mensen waarop door andere mensen neergekeken werden, welke de eerste menselijke getuigen van dit grote wonder waren. Eenvoudige en arme mensen, die als hoeders van de schapen van hun rijke medemensen waren aangesteld. Maar, omdat God Zelf zo deemoedig is dat Hij, de Koning der koningen, de Schepper van alles wat bestaat, als Mens tussen ons kleine mensen is gaan leven, om ons te dienen door ons allen de Weg naar Zijn koninkrijk nog duidelijker te wijzen, wil God kinderen die even deemoedig en liefdevol zijn als Hij is. Wie in God in Jezus Christus gelooft en zijn geloof zoveel mogelijk omzet in daden, die zal zeker een hemelbewoner worden. Wellicht ook een bewoner van de woning van God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal zullen weerzien. Zalig Nieuwjaar!

Amen.

Cor Huizer

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net



 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN