Schriftuitleg

312

HOME

SCHRIFTUITLEG

Laat God in je leven

WIE IK BEN

LINKS

INDEX



Cor Huizer

Mail: religie@corhuizer.nl

 

Schriftuitleg van zondag 2 juli 2017.
 

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart)of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.


Schriftteksten

Eerste lezing 2 Koningen 4,8-11.14-16a

Op zekere dag kwam de profeet Elisa langs in Sunem. Dar woonde een welgestelde vrouw die hem met aandrang uitnodigde bij haar te komen eten. En iedere keer dat de profeet in het vervolg daar in de buurt kwam, ging hij daar eten. Daarom zei de vrouw tot haar echtgenoot: ‘Luister eens, ik heb gemerkt dat hij die altijd bij ons aan huis komt, een heilige man Gods is. Laten we op ons huis een kleine kamer voor hem metselen en er een bed, een tafel, een stoel en een lamp in zetten; als hij dan bij ons aankomt, kan hij daar zijn intrek nemen’. Toen Elisa er dus op zekere dag weer aankwam, kon hij de bovenkamer betrekken en er zich te rusten leggen. Daarna vroeg Elisa aan Gechazi, zijn knecht: ‘Kunnen we dan werkelijk niets voor haar doen?’. Gechazi antwoordde: ‘Zij heeft helaas geen zoon en haar man is oud’. Toen zei Elisa: ‘Roep haar’. De knecht riep haar n zij bleef in de deuropening staan. En Elisa zei: ‘Volgend jaar om deze tijd zult u een zoon aan uw hart drukken’.

 

Tweede lezing Romeinen 6,3-4.8-11

Broeders en zusters, gij weet dat de doop, waardoor wij één zijn geworden met Christus Jezus, ons heeft doen delen in Zijn dood? Door de doop in Zijn dood zijn wij met Hem begraven, opdat ook wij een nieuw leven zouden leiden zoals Christus, die door de macht van Zijn Vader uit de doden is opgewekt. Indien wij dan met Christus gestorven zijn, geloven wij dat wij ook met Hem zullen leven; want wij weten dat Christus, eenmaal van de doden verrezen, niet meer sterft: de dood heeft geen macht meer over Hem. Door de dood die Hij gestorven is, heeft Hij eens en voor al afgerekend met de zonde; het leven dat Hij leeft, heeft alleen met God van doen. Zo moet ook gij uzelf beschouwen: als dood voor de zonde en levend voor God in Jezus Christus.

 

Evangelielezing Mattheüs 10, 37-42

In die tijd zei Jezus tot Zijn apostelen: ‘Wie vader of moeder meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig; wie zoon of dochter meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig. E wie zijn kruis niet opneemt en Mij volgt, is Mij niet waardig. Wie zijn leven vindt, zal het verliezen, en wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden. Wie u opneemt, neemt Mij op; en wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft. Wie een profeet opneemt, omdat hij een profeet is, zal ook het loon van een profeet ontvangen; en wie een deugdzaam mens opneemt omdat hij een deugdzaam mens is, zal ook het loon van een deugdzame ontvangen. En wie één van deze kleinen al was het maar een beker koud water geeft, omdat hij mijn leerling is, voorwaar, Ik zeg u: Zijn loon zal hem zeker niet ontgaan’.


 

Uitleg:

Het thema van deze zondag is: ‘Op Jezus gelijken’. Iedereen zich aan Gods Orde houdt gaat steeds meer op Jezus Christus gelijken. Want Gods Orde leidt ons in liefde naar God toe en maakt van ons mensen ware kinderen van God. Om dit te kunnen bereiken, heeft God Zichzelf aan ons geopenbaard en ons Zijn Leer gegeven, vanaf het begin van de mensheid. De oude leer, welke God aan ons mensen heeft gegeven, toen de mensheid nog maar pas bestond, is zwaar vervuild door de eigenliefde van ons mensen, maar komt nog voor in sommige heidense godsdiensten. Het veel godendom van deze heidense leren zijn oorspronkelijk niets anders dan uitdrukkingen van de ene ware God, welke de mensen in Zijn Schepping op Aarde waarnamen en die later zijn uitgegroeid tot zelfstandige goden. Op het hoogtepunt van de tijd is God Zelf naar onze Aarde afgedaald in de Mens Jezus Christus, die daarom zowel Mens was en is en, in Zijn Geest, God in al Zijn volheid. Jezus Christus heeft ons een zuivere Leer gegeven en wie zich daar aan houdt, die kan een waar kind van God worden. Helaas is ook deze Leer in de afgelopen bijna tweeduizend jaar hier en daar zwaar vervuild geworden en is er veel afgoderij mee bedreven. Daarmee wordt niet de afbeeldingen van Jezus Christus en heiligen mee bedoeld – die zijn er immers enkel om ons aan hen te herinneren – maar wel de verbuigingen van de Leer naar de smaak van egoïstische, hebzuchtige en heerszuchtige mensen, die vele dwaalleren hebben gemaakt, om er zelf beter van te worden en heel veel mensen in verwarring brengen. Door deze vele dwaalleren zien de meeste mensen de Leer van Jezus Christus, zoals die in de Bijbel staat, niet meer. Ook de ene algemene Kerk, gesticht door Jezus Christus voor ons mensen, die tegenwoordig de Rooms Katholieke Kerk wordt genoemd, zien vele mensen niet meer als de juiste Kerk, die toch in de geloofsleer de Leer van Jezus Christus het zuiverst heeft bewaard. En, toegegeven, mensen binnen deze Kerk zijn, bijna vanaf het begin, vaak net zo zelfzuchtig geweest en zijn het nog, waardoor vele mensen ook niet de juiste geestelijke voeding kregen, vanwege de zelfzucht van de leiders binnen deze Kerk. Maar tot en met paus Benedictus XVI is de geloofsleer, dus de Leer van Jezus Christus, nooit aangepast aan het zelfzuchtige handelen binnen deze Kerk. Momenteel wordt, tot op het hoogste niveau, wel geprobeerd de geloofsleer van deze Kerk te veranderen in iets heidens, dus ketters. Vandaar ook dat Jezus Christus nu zeer spoedig zal wederkeren, want de maat van kwaadaardigheid op Aarde is nu overvol, ja loopt zelfs over. Binnen en buiten de Kerk van Christus zijn mensen bezig deze Kerk af te breken en hun eigen leren in de plaats van die van God in Jezus Christus te stellen. Toch zullen de poorten van de hel deze Kerk niet overweldigen; dat wil zeggen de ware Kerk van Christus, die na een scheuring, schisma, met de heden zich vormende ketterse Kerk, als de ware Kerk van Jezus Christus als enige zal overblijven na de wederkomst van Jezus Christus op Aarde. Want God is onveranderlijk en zo is ook de Leer van God in Jezus Christus en dat zijn al Gods natuurwetten, gevat in Gods Orde ook. Daarom is altijd waar geweest, is nu waar en zal altijd waar blijven dat God alleen in de liefde bereikbaar is voor ons mensen. En wie leeft in de liefde met God? Zij die Zijn Geboden leven, dus doen! En dan maakt het niet uit in welke maatschappelijke positie iemand is; de liefde is alles bepalend. Zo was de liefde van de welgestelde vrouw in Sunem, die de profeet Elisa eerst te eten uitnodigde en daarna een verblijf aan bood, bepalend voor de gave, welke God haar gaf; een zoon, die zij zo graag in haar armen wilde sluiten. Want zij had een profeet opgenomen, omdat hij een profeet was en daarom kreeg zij van God het loon van een profeet; zowel op Aarde als in het hiernamaals. Dat gold vóór de komst van God op Aarde, dus voor Jezus Christus, dat geldt ook nu. Nu is het zelfs beter, want Jezus Christus is niet voor niets gestorven; Hij heeft de breuk tussen God en ons mensen hersteld. Vóór de komst van Jezus Christus kon geen enkele mensenziel ooit gaan waar God woont; nu kan een mensenziel, mits hij een waar kind van God is geworden door eigen handelen, wel wonen waar God in Jezus Christus woont. Waar hij staat moet u ook zij lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Daarom ook schreef Paulus aan de Romeinen dat wij met Christus gestorven zijn, als wij gestorven zijn naar onze zonden, door deze niet meer te doen, wij ook met Christus Jezus zullen leven. Dus dan zijn wij mensen dood voor de zonden en levend voor God in Jezus Christus. Dan zullen wij natuurlijk wel de waarschuwing van Jezus Christus in acht moeten nemen; wie een mens, dus een schepsel van God, ongeacht wie dat is, ook de meest naasten, ouders, huwelijkspartner, kinderen of wie dan ook, meer lief heeft dan God, die is God in Jezus Christus niet waardig. Wie zijn kruis niet opneemt, dus Jezus Christus niet navolgt in al zijn doen en laten, die is God niet waardig. Elke daad van liefde voor een medemens, een naaste, zal door God beloond worden, hetzij op Aarde, hetzij in het hiernamaals. Maar let op! Jezus Christus heeft ons niet voor niets Zijn twee liefdesgeboden gegeven; God lief hebben met geheel het hart, geheel de ziel en geheel het verstand, dus met de gehele mens, de gehele persoon en dat boven alles, dus ook boven welk schepsel dan ook, inclusief de eigen persoon. En als gelijkwaardig; elk mens lief hebben, zoals ieder van ons zichzelf lief heeft. Dus voor elke medemens die wij ontmoeten, dus elke naaste, ook de meest ergerlijke vijand, dat doen wat men, redelijkerwijs, van een ander persoon, een andere mens kan verwachten. Dus ook een vijand in nood helpen. Dat is niet zich door een vijand laten kwaad doen; wel kwaad met goed vergelden. Naastenliefde is nadrukkelijk niet zichzelf tot een slaaf van een kwaadaardig mens laten maken; wij kunnen wel maatschappelijk verschillen, maar in Gods ogen zijn alle mensen gelijkwaardig aan elkaar, alleen verschillend in hun liefde voor God en de naasten. Wij zijn dus broeders en zusters van elkaar in de Heer, onze God. Wie zich niet als een broeder en zuster ten opzichte van ons gedraagt, dient gecorrigeerd te worden of buitengesloten, totdat dit kwaadaardige gedrag in goedwillend gedrag is veranderd. Maar, ongeacht hoe slecht de ‘wereld’ is geworden, wie de Geboden van God in Jezus Christus opvolgt, die kiest voor Hem die altijd zal overwinnen, hoe machtig Zijn tegenstanders ook schijnen te zijn; tegen God kan niemand op, noch in onze wereld op Aarde, noch in de geestelijke wereld. We dus God in Jezus Christus zo navolgt, dat hij op Hem gaat lijken, die volgt de Weg naar het eeuwige leven in de hemel. Wellicht ook naar het huis van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij daar allemaal verenigd mogen zijn.

 

Amen.

Cor Huizer
.

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net

 

Schriftuitleg


DEZE WEEK

 


ARCHIEF:

 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN

Webmiep Design  De Rips (GemertBakel)