Schriftuitleg


Schriftuitleg van zondag 6 januari 2019.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten

Eerste lezing Jesaja 60, 1-6

Sta op, laat het licht u beschijnen, Jeruzalem, want de zon gaat over u op en de glorie van de Heer begint over u te schijnen. Want zie: duisternis bedekt de aarde, het donker de volkeren maar over u gaat de Heer op en zijn glorie is boven u verschenen. Volkeren komen af op uw licht, koningen op de luister van uw dageraad. Sla uw ogen op en zie om u heen: van overal stromen ze naar u toe, uw zonen komen van verre, uw dochters draagt men op de arm. Bij het zien hiervan zult gij met blijdschap worden vervuld en uw hart zal bonzen en wijd worden van vreugde. Want de schatten der zee gaan over in uw bezit, de rijkdommen der volkeren worden aan u afgedragen. Een zee van kamelen bedekt u, jonge kamelen van Midjan en Efa. Alle bewoners van Sheba trekken naar u toe; ze voeren goud en wierook aan en verkondigen luid de roem van de Heer.

Tweede lezing Efeziers 3, 2-3a.5-6

Broeders en zusters, gij hebt vernomen hoe zich de genade Gods heeft verwezenlijkt die mij met het oog op u gegeven is; door openbaring is mij de kennis van het geheim mee-gedeeld, zoals ik het reeds in het kort heb beschreven. Nooit is het onder vroegere geslachten aan de kinderen der mensen bekend gemaakt, zoals het nu door de Geest is geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten: dat de heidenen in Christus Jezus mede-erfgenamen zijn, medeleden en mededeelgenoten van de belofte door middel van het evangelie.

Evangelielezing Mattheus 2,1-12

Toen Jezus te Bethlehem in Juda geboren was, ten tijde van koning Herodes, kwamen er te Jeruzalem Wijzen uit het Oosten en vroegen: 'Waar is de pasgeboren koning der jo-den? Want wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen'. Toen koning Herodes dit hoorde werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor waar de Christus moest geboren worden. Zij antwoordden hem: Te Bethlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet: En gij Bethlehem landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman te voorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israel'. Toen ontbood Herodes in het geheim de Wijzen en hij vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waar-op de ster verschenen was. Daarop zond hij hen naar Bethlehem met de opdracht: 'Gaat een zorgvuldig onder-zoek instellen naar het kind, en wanneer gij het gevonden hebt, bericht het mij dan opdat ook ik het hulde kan gaan brengen'. Na de koning aangehoord te hebben vertrokken zij. En zie, de ster die zij in het oosten gezien hadden, ging voor hen uit totdat ze boven de plaats waar het kind zich bevond stil bleef staan. Op het zien van de ster werden zij vervuld van overgrote vreugde. Zij gingen het huis binnen, zagen er het kind met zijn moeder Maria en op hun knieen neervallend betuigden zij het hun hulde. Zij haalden hun schatten te voorschijn en boden het geschenken aan; goud, wierook en mirre. En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, ver-trokken zij langs een andere weg naar hun land.

Uitleg:

Het thema van deze zondag van het feest van de drie koningen is: 'Komt laat ons Hem aanbidden'. Kom laat ons Hem aanbidden, onze Koning, Heer en God, die voor ons Mens is geworden. Laten wij Zijn grote liefde voor ieder van ons mensen beantwoorden met onze eigen liefde voor Hem en voor onze naasten. Want wie geen liefde heeft voor zijn naasten, welke elke dag om hem heen zijn en die hij ziet, hoe kan hij dan liefde hebben voor God, die hij niet ziet? Waar zijn staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Dat is niet mogelijk! Vandaar dat God Zijn ene Gebod van liefde in twee Geboden heeft gedeeld, welke gelijkwaardig aan elkaar zijn: God liefhebben met geheel het hart, geheel de ziel, geheel het verstand en met alle kracht die een mens heeft; dus boven alles. En elke naaste lief hebben, net zoveel als een mens zichzelf lief heeft. Dus voor elke naaste, die hulp nodig heeft, doen wat men redelijkerwijs kan verwachten dat deze naaste voor een ander zou doen. Deze twee liefdesgeboden, gegeven door God in Jezus Christus, bevat de Tien Geboden, welke God aan Mozes heeft gegeven en alles wat Gods ware profeten - voor de geboorte van God op Aarde en erna - hebben verkondigd. Dus alles wat God ons mensen heeft geopenbaard. En dat is inmiddels heel veel. Helaas was en is het een kleine minderheid van de mensen die daar echt belangstelling voor hebben, die voor de Leer van God echt open staan. De meerderheid is zo druk bezig om zich in de wereld te vermaken, dat zij God en Zijn Geboden negeren. In onze helse tijd is het merendeel van de mensen totaal van God afgevallen. Vanaf mensen die zich christen noemen, maar denken dat het geloof een soort supermarkt is, waaruit geput kan worden wat je aan staat en de rest kan blijven liggen, tot mensen die zelfs het bestaan van God ontkennen, dus loochenen. De Leer van God in Jezus Christus is een totale Leer, waaruit niet dingen weggelaten kunnen worden, omdat deze even niet uitkomen. Nee, deze Leer is de enige Weg naar het koninkrijk van God, de enige Weg die naar het eeuwige leven leidt. Vele mensen zouden graag de bron van de eeuwige jeugd willen vinden; welnu op Aarde is deze nergens te vinden. Maar in de hemelen wel! In het rijk Gods blijven Zijn kinderen voor eeuwig jong, zonder ooit een einde aan hun leven komt. Wie dus graag voor eeuwig jong wil blijven en nooit de dood wil zien of proeven, die zal de Weg van Jezus Christus door zijn leven moeten bewandelen; er is geen andere Weg met dezelfde goede gevolgen dan deze Weg. En deze Weg is geloven dat Jezus Christus de Zoon is van God, Zijn Leer onderhouden, dus doen. Deze Weg door het leven is de Weg van de liefde voor God en voor andere mensen, waarmee ieder van ons in contact komt. God is in Jezus Christus Mens geworden om ons mensen te redden van de ontelbare dwaalwegen vanuit de hel. Wegen van hoogmoed, streven naar eer en roem, naar macht en rijkdom. Al die wegen - en er zijn er heel veel van - leiden allen naar de hel. Alleen de Weg van God in Jezus Christus leidt ons mensen naar de hemel. Maar het is een Weg die veel mensen tegen staat, want het is een Weg van deemoed, nederigheid, dienstbaarheid, en vooral van liefde voor anderen, waar de eigenliefde soms voor moed wijken. En daar zijn niet alle mensen blij mee. Want dat betekent dat geen mens minder is dan jezelf, terwijl heel veel mensen zich inbeelden dat juist zij iets bijzonders zijn, die boven alle andere mensen verheven zijn. Zij voelen zich meer dan hun naaste; in eigen ogen zijn zij soms zelfs meer dan God. Hoe bedriegen zij zichzelf en hoe proberen zij ook andere mensen te bedriegen! Voor God is ieder mens gelijk; want ieder mens is geroepen om Zijn kind te worden, maar wel uit eigen vrije wil. Het ambt welke op Aarde bekleed wordt, de armoede of aardse rijkdom maakt voor God helemaal niets uit. Het maakt helemaal niet uit of een mens multimiljardair, of leider van een groot land, of een dakloze zwerver is; het enige waar God naar kijkt is de liefde van de mens. Niet de eigenliefde of het eigenbelang, maar de liefde voor God en de naasten. Wie deze liefde heeft, die kan een kind van God worden. Wie enkel leeft voor zichzelf, geen liefde heeft voor tenminste zijn naasten, die is voor God verloren. Hij krijgt wel zijn vastgestelde tijd op Aarde, maar in het hiernamaals heeft hij niets meer te verwachten. Dan is het over en uit. Maar wie is nu beter af? Hij die misschien hier op Aarde, omdat hij op de proef is gesteld, soms wat gebrek heeft geleden maar, omdat hij Gods Geboden heeft onderhouden, dus gedaan, na zijn dood naar de hemel is gegaan. Of hij die op Aarde zijn hele leven heeft gezwelgd in rijkdom, te gierig was om andere mensen te helpen in hun nood en alleen aan zijn eigen genoegens heeft gedacht maar, omdat hij God ontkende of in ieder geval negeerde, voor eeuwig in de grootste armoede en ellende in de hel mag verblijven? Ik denk de eerste persoon! Want hij heeft geleefd in het licht van God, waar Jesaja over schreef. Want volkeren komen af op het licht van God. Omdat de gehele Aarde aan God toebehoort, moet dit niet letterlijk genomen worden. Maar de Leer van God in Jezus Christus is nu wereldwijd verspreid. Europa, het eerste continent welke de Leer van Jezus Christus heeft omarmd - en een grote beschaving op deze Leer heeft gebouwd - heeft in meerderheid dit licht verloren en zijn de dwaalwegen van Satan gaan bewandelen. De mensen in Europa willen een rijk en zinnelijk leven leiden, maar beseffen niet dat zij, met z'n allen, naar een diepe afgrond rennen; hun eigen ondergang niet alleen tegemoet gaan, maar deze zelf veroorzaken. Voor hen, die deze dwaalwegen volgen, heeft het licht van de wereld, Jezus Christus, vergeefs geschenen. Zij voelen zich behaaglijk in hun diepe geestelijke duisternis. En als zij wakker worden zal het voor velen van hen te laat zijn; dan zitten zij in diepe ellende in het hiernamaals. Maar zolang er leven is op Aarde is er nog hoop; hoop op een vrijwillige bekering. Want dan kan Gods genade nog over hen komen en kunnen zij gaan beseffen dat ook de heidenen - inclusief de nieuwe heidenen - in Christus Jezus medeerfgenamen zijn, medeleden en mededeelgenoten van de belofte door middel van het evangelie. Zullen zij daar wel in moeten gaan geloven. De drie koningen wisten al Wie Jezus was, nog voordat zij Hem gezien hadden. En ook Herodes en de leiders van de Tempel wisten dit heel goed; Hij is de Messias! Maar enkel de drie koningen, de drie wijzen, gingen met eerbied naar Hem toe en boden Hem geschenken aan. Niet Herodes, die Hem naar het leven stond. Niet de hogepriesters en schriftgeleerden; die waren alleen maar ongerust. Want deze mensen hadden het geloof verloren en deden alleen maar alsof zij geloofden, vanwege de materiele voordelen, niet vanwege God. Zo is het nu weer; vele leiders in de christelijke Kerken geloven niet meer in God, maar bedrijven hun 'beroep' ter wille van de materiele voordelen. Zij zijn niet geinteresseerd in het eeuwige leven van de 'kudde schapen, die zij hoeden', maar alleen in de wol van die schapen. Of, duidelijker, alleen in het geld dat hun 'kudde' hen geven. Hun 'beloning', tenzij zij zich bekeren, zal hen niet onthouden worden. De herders, die wel de Leer van God in Jezus Christus onderhouden - en gelukkig zijn er daar ook nog velen van - wacht een andere beloning; de hemel. Wellicht ook het huis van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf nu leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen aantreffen.

Amen.

Cor Huizer

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net



 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN