Religie

Schriftuitleg van zondag 11 december 2022.

Inleiding: 

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt. 

Schriftteksten: 

Lezing Jesaja 35, 1-6a.10

Zo spreekt de Heer: ‘Woestijn en steppe zullen zich ver­heugen, jubelen en bloeien de dorre vlakte. Pronken zal zij met lelies, van blijdschap jubelen en juichen. De glorie van de Libanon valt haar ten deel, de luister van Carmel en Sjaron. Zij zullen de glorie van de Heer aanschouwen, de luister van onze God. Maak slappe handen sterk, geef kracht aan knikkende knieën. Spreek tot allen die de moed verloren hebben: Vat moed en vrees niet: Uw God komt om de wraak te voltrekken, God komt om te vergelden en om u te redden’. Dan gaan de ogen van de blinden weer open en zullen de oren van de doven geopend worden. De lamme zal springen als een hert en jubelen zal de tong van de stomme. Die door de Heer verlost zijn, zullen weer te­rugkeren. Jubelend komen zij naar Sion, hun hoofden om­geven met eeuwige vreugde. Zij zullen vreugde verkrijgen en blijdschap, en pijn en gejammer nemen de vlucht. 

Lezing Jacobus 5, 7-10

Broeders en zusters, hebt geduld tot de komst van de Heer. De boer die uitziet naar de heerlijke vrucht van zijn land, kan alleen maar geduldig wachten, totdat de winter/ en voorjaarsregens gevallen zijn. Ook gij moet geduldig zijn en moedig, want de komst van de Heer is nabij. Klaagt elkaar niet aan; dan valt ge zelf onder het onder het oordeel. Denk eraan: de rechter staat al voor de deur. Broeders en zusters, neemt een voorbeeld aan de lijdzaamheid en het geduld van de profeten, die gesproken hebben in de naam van de Heer. 

Lezing Mattheüs 11, 2-11

In die tijd hoorde Johannes in de gevangenis over de wer­ken van de Christus en hij liet Hem door zijn leerlingen de vraag stellen: ‘Zijt Gij de komende, of hebben wij een an­der te verwachten?’. Jezus antwoordde hun: ‘Gaat aan Johannes zeggen wat gij hoort en ziet: blinden zien en lammen lopen, melaatsen genezen en doven horen, doden staan op en aan armen wordt de blijde boodschap verkon­digd. Gelukkig is hij die aan Mij geen aanstoot neemt’. Toen zij vertrokken waren, begon Jezus tot de menigte te spreken over Johannes: ‘Waar zijt gij in de woestijn naar gaan zien? Naar een riethalm door de wind bewogen? Waar zijt gij dan wél naar gaan zien? Naar iemand in ver­fijnde kleding? Die verfijnde kleding dragen zijn te vinden in de paleizen der koningen. Waartoe zijt gij dan uitgetrok­ken? Om een profeet te zien? Inderdaad, zeg Ik u, zelfs meer dan een profeet! Hij is het over wie geschreven staat: Zie, Ik zend mijn bode voor U uit die de weg voor uw komst zal bereiden. Voorwaar, Ik zeg u: Onder hen die uit vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan die groter is dan Johannes de Doper. Niettemin is de kleinste in het rijk der hemelen groter dan hij´. 

Uitleg: 

Het thema van deze derde zondag van de Advent is: ‘Moed en geduld’. Wij mensen, die in deze Eindtijd leven, hebben heel veel moed en geduld nodig. Want nu, zo vlak voor de wederkomst van God in Jezus Christus, regeert Satan en zijn trawanten nog de Aarde en zij doen serieuze pogingen om onze Aarde om te vormen tot een materiële hel. Dat doen zij door een georganiseerde massamoord op ons mensen – denk aan de verzonnen Covid pandemie, waarvan de ‘vaccins’ die geen vaccins zijn, nu reeds miljoenen mensen hebben gedood. En ook de op het uitbarsten staande Derde Wereld Oorlog zal, door atoombommen, vele miljoenen mensen het aardse leven kosten. Dit alles om de Nieuwe Wereld Orde – een één wereldregering onder Satans bestuur – mogelijk te maken. Natuurlijk kan God dit net laten gebeuren. Maar zoals Satan uit is op de vernietiging van ons mensen, zo is God uit op de redding van zoveel mogelijk mensen voor de hemel. Waarom niet alle mensen? Omdat een deel van de mensheid niet gered wil worden, maar graag naar de hel gaat – behalve als zij, weliswaar te laat, beseffen wat de hel inhoudt, dan willen zij wel gered worden – en God respecteert als geen ander de eigen vrije wil van ieder mens. Kijk, wij mensen van deze Aarde zijn geschapen om kinderen van God te worden, maar wij worden daartoe niet gedwongen. Wie liever een vijand van God wil zijn, dan een kind van God, die is ook daarin vrij. Wij zijn allen bestemd om een kind van God te worden en, met Hem, de gehele Schepping te helpen besturen; niet alleen als Zijn dienaren, maar als Zijn kinderen. De meeste mensen van onze tijd, zoals zij heden zijn, leven liever zonder God dan als een kind van God. En dat is triest genoeg! Maar wij krijgen nog allemaal – die dit kunnen begrijpen – een Waarschuwing van God hoe ieder van ons mensen er in Gods ogen voorstaat. En daarna, als gevolg van deze Waarschuwing, zullen miljarden mensen zich, onder berouw en om vergiffenis vragend voor hun zonden, zich bekeren en alsnog gered worden. Maar voor het zover is moeten wij nog door een diepe poel van ellende – door ons mensen zelf veroorzaakt – en met moed en geduld strijdend voor alles wat wél in Gods Orde past en deze tijd in daden van liefde doorkomen. Elk afzonderlijk mens zal zwaar beproefd worden of hij bij God of bij Satan wil horen. Waar hij staat moet u ook zij lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Daarom zal iedereen, die bij God wil horen, de moed moeten hebben om alles af te wijzen wat tegen Gods Liefde in gaat en God trouw en volhardend dienen te volgen, óók als het schijnbaar in onze nadeel is. En iedereen, die bij God wil horen, zal het geduld moeten opbrengen om de vervolging door Satan aanbidders lijdzaam te ondergaan, in het volle geloof en vertrouwen dat God ons mensen altijd kan redden van elke nood en vervolging, indien wij Hem gehoorzamen en Zijn, aan ons bekend gemaakte Wil volgen, door Zijn Geboden en Leer te onderhouden, dus te doen. Wie dat doet is gered voor de eeuwigheid. Wie dat niet doen, maar uit angst voor de Satan aanbidders hun gehoorzamen – of nog erger er vrijwillig aan meewerken – zullen verloren gaan in eeuwigheid. Samengevat, wie eeuwig wil leven in Gods Rijk, in een hemel, die zal de moed moeten opbrengen om niet mee te gaan met de vijanden van God, maar Gods Leer en Geboden als leidraad voor zijn eigen leven te gebruiken en daar niet en nooit vanaf te wijken, ook niet door opgelegde dwang of de dreiging te worden vermoord. Want bedenk goed dat het aardse leven slechts tientallen jaren duurt en honderd aardse jaren is al heel veel, maar het eeuwige leven in Gods Rijk kent geen einde. Dus wat is belangrijker; het aardse leven of het eeuwige leven? Voor mij is dat het eeuwige leven! En wij moeten geduld hebben totdat, volgens Gods plan, de tijd er is wanneer God in Jezus Christus terugkeert op Aarde, nadat Hij al Zijn aardse vijanden hun lichamelijk leven heeft afgenomen en Satan en alle andere duivels heeft opgesloten in de hel, waardoor deze demonen geen invloed meer hebben op ons mensen. En dan breekt er een duizend jarig rijk van vrede aan op de Nieuwe Aarde, die dan is omgevormd tot een paradijs. In de Bijbel staan vele profetieën over die tijd, waar wij nog in het aardse leven de voltooiing kunnen meemaken, als wij gehoorzaam zijn aan God. Ook Jesaja heeft over die tijd geprofeteerd. Want de woestijn en steppe van de heidendom – in vele soorten – zal dan zijn omgevormd tot een paradijs, waar de lelies zullen bloeien en wij mensen zullen jubelen en juichen en de glorie en luister van onze Heer en God aanschouwen. Maar heden moeten wij geduld hebben tot de komst van onze Heer en God Jezus Christus. Wij moeten geduldig zijn en moedig, want de komst van onze Heer en God is nabij, waarschijnlijk nog in dit decennium. Wij moeten leven in groot vertrouwen op onze Schepper, God, die ons zo lief heeft dat Hijzelf als Mens tussen ons in heeft geleefd, want Jezus Christus is God. Alleen het menselijke aan Hem is Mens, namelijk Zijn geschapen ziel en lichaam, maar in Zijn Geest was en is Hij volledig God. God heeft Zich dus, en wel op onze Aarde, een ziel en lichaam aangemeten, waardoor Hij vervolgens voor alle tijden een zichtbare God is. Johannes de Doper ging in de gevangenis twijfelen of Jezus Christus wel de Zoon van God was, of dat er nog een ander te verwachten was. Maar de leerlingen van Johannes kregen de raad om naar de daden van onze Verlosser, Jezus Christus te kijken en dat aan Johannes te vertellen. Waarna Johannes volledig overtuigd was dat Jezus Christus God is. Wie, ook in onze heidense en verwarrende tijd, vast gelooft dat Jezus Christus God is en dat door woord en daad bewijst, wacht een oneindig verblijf in een hemel. Wellicht ook in de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem, waar ook Zijn kinderen wonen. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal zullen tegenkomen. 

Amen. 

Cor Huizer.









© Cor Huizer 2023
Ontwerp en hosting Maartens automatisering