Schriftuitleg


Schriftuitleg van Pinkstermaandag 21 mei 2018.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten

Eerste lezing Handelingen 19, 1b-6a

In die dagen kwam Paulus na zijn reis door het binnenland in Efeze. Daar ontmoette hij enige leerlingen aan wie hij vroeg: 'Hebt gij de heilige Geest ontvangen toen ge het geloof hebt aangenomen?'. Zij antwoordden: 'Wij hebben niet eens gehoord dat er een heilige Geest bestaat'. Toen zei hij: 'Hoe zijt ge dan gedoopt?'. Ze antwoordden: 'Met het doopsel van Johannes'. Paulus hernam: 'Johannes diende een doopsel toe ten teken van bekering, maar hij zei aan het volk dat ze moesten geloven in Wie na hem kwam, dat is Jezus'. Toen zij dit gehoord hadden lieten zij zich dopen in de Naam van de Heer Jezus. Nadat Paulus hun de handen had opgelegd kwam de heilige Geest over hen. Ofwel: Joel 3, 1-5

In die dagen kwam Paulus na zijn reis door het binnenland in Efeze. Daar ontmoette hij enige leerlingen aan wie hij vroeg: 'Hebt gij de heilige Geest ontvangen toen ge het geloof hebt aangenomen?'. Zij antwoordden: 'Wij hebben niet eens gehoord dat er een heilige Geest bestaat'. Toen zei hij: 'Hoe zijt ge dan gedoopt?'. Ze antwoordden: 'Met het doopsel van Johannes'. Paulus hernam: 'Johannes diende een doopsel toe ten teken van bekering, maar hij zei aan het volk dat ze moesten geloven in Wie na hem kwam, dat is Jezus'. Toen zij dit gehoord hadden lieten zij zich dopen in de Naam van de Heer Jezus. Nadat Paulus hun de handen had opgelegd kwam de heilige Geest over hen.

Evangelielezing Johannes 14, 15-21

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: 'Als gij Mij liefhebt, zult gij mijn geboden onderhouden. Dan zal de Vader op mijn gebed u een andere Helper geven om voor altijd bij u te blijven: de Geest van de waarheid, voor wie de wereld niet ontvankelijk is, omdat zij Hem niet ziet en niet kent. Gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn. Ik zal u niet ver-weesd achterlaten: Ik keer tot u terug. Nog een korte tijd en de wereld ziet Mij niet meer; gij echter zult Mij zien, want Ik leef en ook gij zult leven. Op die dag zult gij weten, dat Ik in mijn Vader ben en gij in Mij en Ik in u. Wie mijn geboden on-derhoudt, die hij heeft ontvangen, hij is het die Mij liefheeft. En wie Mij liefheeft, zal door mijn Vader bemind worden; ook Ik zal hem beminnen en Ik zal Mij aan hem openbaren.

Uitleg:

Het thema van deze Pinkstermaandag is: 'Geest die met ons gaat'. De Geest van God is Diegene die met ieder van ons gaat. Wat God laat geen van Zijn schepselen ooit in de steek en al helemaal niet ons mensen, geschapen naar Zijn beeld en gelijkenis. Want wij mensen van onze Aarde hebben de hoge bestemming om ware kinderen van God te worden en te zijn. Wij moeten het wel zelf willen, want geen mens wordt, op welke wijze dan ook, gedwongen om God als Vader te aanvaarden. Om die redenen heeft God ons een vrije wil geschonken, waarmee wij alles in alle vrijheid kunnen willen, maar niet alles kunnen realiseren wat wij willen. Want God heeft ons, ter beproeving, in een materiele wereld geplaatst, in een lichaam die zijn beperkingen heeft. God heeft ons behalve een lichaam ook een ziel gegeven, om dit lichaam een schijnleven te geven, doordat onze ziel het lichaam bestuurt. In de ziel heeft God ons een geschapen geest gegeven, die altijd in liefde met God verbonden is en waarin God een vonkje van Zijn ongeschapen liefde heft gelegd. Wanneer deze geest, door de liefde voor God boven alles en voor de naasten als voor onszelf, gegroeid is tot de grootte van onze ziel - onze ziel is zo groot als ons lichaam, anders kan die het lichaam ook niet besturen, de geest echter zeer klein in de ziel en kan alleen door de liefde tot God en de naasten groeien - dan kan, door Gods liefde, genade en erbarmen, de geest de besturing van de ziel overnemen en dan is de mens wedergeboren in de geest. Niet dat de mens zijn vrije wil zal kwijtraken, maar dan verlicht de geest de ziel en dan komen er heel veel inzichten en begrijpen, welke er voordien niet waren. Waar zijn staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Wie dan zijn zelfzucht zijn handelen laat overnemen, begaat een zware zonde; hij weet immers beter en heeft geen enkel excuus voor zijn zondige gedrag. Maar in principe is het mogelijk, dan treed wel de geest op de achtergrond en verliest de mens alle voordelen, welke hij van de inzichten van zijn geest heeft gekregen. Hij verliest dan ook het onderscheid tussen waarheid en leugen en zal, net als zoveel geestelijk blinde mensen, de waarheid voor de leugen houden en de leugen voor de waarheid. Zulke mensen hebben dan zichzelf verdorven, zonder dat zij ooit een beroep kunnen doen op niet beter weten. Immers, zij zijn niet bedrogen door andere mensen of ideologieen, maar hebben zelf bewust gekozen om God te verlaten, tegen beter weten in. Dit in tegenstelling tot de brave mensen, welke Paulus tegen kwam in Efeze; zij hadden enkel het juiste doopsel nodig om ook de heilige Geest te ontvangen. Dus om ook kinderen van God te worden. Het doopsel van Johannes de Doper was een goed doopsel - ook Jezus Christus had zich door Johannes laten dopen - maar het was een doopsel als teken van bekering, niet in de Naam van God; de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Daarom kwam de Geest van God pas over hen, toen zij wel in de Naam van God in Jezus Christus waren gedoopt. Deze grote gave is nodig om een volmaakt kind van God te worden, om Gods woning, het hemelse Jeruzalem, binnen te kunnen gaan. Wat jammer dat zoveel mensen deze mogelijkheid, om ware kinderen van God te worden en te zijn, als oud vuil afwijzen en weggooien. Zij verwaarlozen hun eigen doopsel, door niet te leven naar Gods Geboden, maar in vele zonden en verhinderen heel vaak dat hun kinderen ook deze hoge status nooit kunnen bereiken. Zij laten hun kinderen niet dopen en geven hen een antichristelijke opvoeding. Vanwege het slijk der aarde - geld, goud en rijkdom, tijdelijk genot en het streven naar macht en het zo optimaal mogelijk bevredigen van hun zelfzuchtige wensen - gooien zij het allergrootste, wat een schepsel maar kan bereiken, weg als het smerigste vuilnis; namelijk het kindschap van God, welke hen onbeperkte vrijheid en mogelijkheden geeft. Dat is voor God niets nieuws, God heeft dat al vanaf het begin van de mensheid voorzien. Vele profeten van God hebben al teksten van Hem gekregen, waaruit dit blijkt. Zo ook Joel, die teksten kreeg over onze eindtijd, waarin wij heden leven. Bijvoorbeeld de paddenstoelen van rook duiden op de Derde Wereldoorlog, welke heden op punt van uitbreken staat: het ontploffen van atoombommen. In de visioen van Joel is, op een wijze die de mensen van zijn tijd konden begrijpen, zijn de gebeurtenissen in onze tijd - die gedeeltelijk nog moeten plaatsvinden - getoond en verhaald. De Geest van God zal inderdaad uitgestort worden tijdens of direct na de Grote Waarschuwing, waarin God elk mens op Aarde zal tonen hoe die er in Gods ogen voor staat. Wie daar naar luistert en zich tot God bekeert is gered, wie dan volhardt in het leven naar Gods Geboden, die kan ook de Geest van God over zich heen krijgen. Maar allen die ook dan nog, halsstarrig, Gods genade blijven weigeren en daardoor een vijand van God blijven, die zullen verloren gaan. Maar dat is wel hun eigen keuze uit hun eigen vrije wil; zij willen zelf verloren gaan in hun grenzeloze hoogmoed. Zij hebben God niet lief, maar enkel zichzelf. Want, wie God in Jezus Christus lief heeft, die zal Zijn Geboden onderhouden, dus doen. Die mensen krijgen van God uit een Helper, namelijk Gods Geest van de Waarheid. Wie dit niet wil behoort tot de wereld, omdat hij Hem, God, niet ziet en niet kent. Wie God in Jezus Christus bemint, lief heeft, hem zal ook de Vader ook beminnen en Jezus Christus zal Zich aan hem openbaren. Deze belofte is waar; ook aan mij heeft God Zich duidelijk geopenbaard, maar wie niet van God is wil dit niet en nooit geloven. Wie niet van God is leeft in de leugen en de waarheid is hem onbekend; daarom weigert hij een getuigenis, gebaseerd op de waarheid en niet op de leugen, te geloven. Want dit staat haaks op zijn eigen overtuigingen, gebaseerd op de leugen. Zelfs als zij, van God in Jezus Christus, de Waarheid te verstaan hebben gekregen, op een wijze waarop zij niet kunnen ontkennen dat dit de Waarheid is, dan nog zullen miljarden mensen dit weigeren te aanvaarden, waardoor zij helaas verloren gaan. Door eigen schuld, door het kwade te blijven najagen, terwijl hen het goede getoond en bewezen is. Wie zich door God wel laat redden, door Zijn Geboden te gaan onderhouden, die komt na het leven op Aarde zeker in een hemel. Wellicht ook in de hoogste hemel, de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen tegenkomen.

Amen.

Cor Huizer

PS: God richt Zich nu tot ons in de eindtijdprofetes, die u kunt vinden op www.hetboekderwaarheid.net



 

HOME   GOD IS LIEFDE EN LEVEN  DE EUROPESE OPLOSSING  SLAVERNIJ IS ECONOMISCHE NOODZAAK  ARTIKEL DAKLOZEN