Religie

Schriftuitleg van zondag 2 augustus 2020.

 Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

 Schriftteksten:

 Eerste lezing Jesaja 55,1-3

Zo spreekt God de Heer: ‘Komt naar het water, gij allen die dorst lijdt! Ook gij die geen geld hebt, kom toch. Komt kopen, geniet zonder geld en zonder te betalen. Komt kopen wijn en melk. Wat geeft gij uw geld voor iets dat geen brood is? Wat geeft gij uw arbeid voor iets dat niet voedt? Luistert naar Mij: dan eet gij wat goed is, dan verzadigt gij u aan heerlijke spijs. Neigt uw oor en komt naar Mij en luistert en gij zult leven’.


Tweede lezing Romeinen 8, 35.37-39

Broeders en zusters, wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking  wellicht of nood, vervolging, honger, naaktheid, levensgevaar of het zwaard? Over dit alles zegevieren wij glansrijk, dankzij Hem die ons heeft liefgehad. Ik ben ervan overtuigd dat noch de dood, noch het leven, noch engelen, noch boze geesten, noch wat is, noch wat zal zijn, en geen macht in den hoge of in de diepte, noch enig wezen in het heelal ons kunnen scheiden van de liefde Gods, die is in Christus Jezus onze Heer.

 Evangelielezing Mattheüs 14, 13-21

In die tijd voer Jezus in een boot naar een eenzame plek om alleen te zijn. Maar het volk kwam dit te weten en zij gingen Hem vanuit hun steden te voet achterna. Toen Hij bij Zijn landing dan ook een grote menigte zag, kreeg Hij diep medelijden met hen en Hij genas hun zieken. Tegen het vallen van de avond kwamen Zijn leerlingen naar Hem toe en zeiden: ‘Deze plek is eenzaam en het is al laat op de dag. Stuur het volk weg om in de dorpen eten te gaan kopen’. ‘Het is niet nodig dat zij weggaan – zei Jezus hun – geeft gij hun maar te eten’. Doch zij antwoordden: ‘Wij hebben hier niet meer dan vijf broden en twee vissen’. Waarop Jezus sprak: ‘Breng die dan hier’. En Hij gaf opdracht dat het volk zich zou neerzetten op het gras. Hij nam de vijf broden en de twee vissen, sloeg Zijn ogen ten hemel, en nadat Hij de zegen had uitgesproken, brak Hij de broden, die Hij aan Zijn leerlingen gaf, en de leerlingen gaven ze weer aan het volk. Allen aten tot ze verzadigd waren en aan overgebleven brokken haalde men nog twaalf volle korven op. Het waren ongeveer vijfduizend mannen die hadden gegeten, vrouwen en kinderen niet meegerekend.

Uitleg:

Het thema van deze zondag is: ‘Geven jullie hun maar te eten’.  Geven jullie hen maar te eten, vraagt God aan alle mensen met overvloed voor mensen die hongeren. Daarmee wordt niet alleen de lichamelijke honger bedoeld –die natuurlijk ook -  maar ook de geestelijke honger. De lichamelijke honger daar leiden vele mensen aan, te arm dat zij zijn om eten te kopen. Maar vooral in onze tijd is de geestelijke honger nog veel groter; want de meeste mensen hebben God verloren. En echt, materiële welvaart en bezittingen, evenmin als seksuele uitspattingen en ongebreideld feesten kan een mens geestelijk vervullen. Alleen de liefde kan dat. Liefde voor God boven alles en voor de medemens, de naasten als voor zichzelf, vervuld een mens geestelijk geheel en al. In onze hedonistische  samenleving zijn alle mensen op zoek naar geluk, maar het geluk vlak voor hun neus zien zij niet. Het geestelijke geluk van innerlijke vreugde om de liefde voor en van andere mensen, wordt van geen waarde geacht. Het geluk wordt gezocht – maar nooit gevonden – in veel lawaai van niet alleen muziek, drankpartijen, feestjes en veel leeg vermaak. Maar het stille geluk van huwelijkstrouw met vrouw en kinderen, in onderlinge liefde met elkaar verbonden, wordt als waardeloos opzij gezet. Alles wat op de man betrekking heeft, heeft ook op de vrouw betrekking, lees dit naar uw eigen geslacht. Terwijl juist dit geluk een mens tot volmaaktheid brengt; want liefde is gelijk aan leven, omdat het leven van God Zijn Liefde is. Liefde vervult het hele leven, zowel het lichamelijke leven als ook het leven van de ziel en de inwonende geest. Liefde bevordert de deemoed, welke het leven verdicht. Het wereldse lawaai is leeg en bevordert de hoogmoed, dus het waandenkbeeld dat de eigen persoon hoger staat dan andere mensen op Aarde. Liefde doet beseffen dat voor God de wereldse positie, status, niets uit maakt, omdat God alleen kijkt naar de liefde van een mens; niet naar zijn maatschappelijke positie of wereldse rijkdom en macht. Daarom is in Gods ogen een keizer, koning of president van een land evenveel waard als een arme dakloze bedelaar. De vergelijking van Lazarus en de rijke man toont dit aan. Lazarus, een bedelaar, overdekt door zweren, werd op Abrahams schoot gezet, na zijn dood. De rijke man – wiens naam niet werd genoemd, omdat hij voor God geen naam had – kwam in de hel. Hij had op Aarde een rijk, lui en zelfzuchtig leven geleid, maar had geen liefde in zich, behalve voor zichzelf. Arme mensen mochten van hem verhongeren, als hijzelf maar overvloed had. In de wereld werd hij gewaardeerd en Lazarus niet; maar voor God had de rijke man geen naam, maar Lazarus wel. En wie van beiden is nu beter af: Lazarus die op Aarde hongerig en ziek was, maar kennelijk veel liefde had voor God en zijn naasten, of deze rijke man, die na een verspilt leven in de hel werd opgenomen? Het aardse leven is maar kort, maar in de hel zit men gewoonlijk eeuwig. En er is nog een groot verschil: Op Aarde kan men nog liefde krijgen en geven, in de hel is er geen spoor van liefde te vinden. En, omdat liefde en leven hetzelfde is, ook geen spoor van leven. Het is niet nodig dat wij net zo arm worden als Lazarus of een andere bedelaar. Wel is het voor ons eigen welzijn noodzakelijk dat een ieder liefde en trouw geeft aan andere mensen in zijn nabijheid, onze naasten en hun liefde dankbaar aanvaardt. Het is ook noodzakelijk dat wij erkennen dat God alles wat bestaat heeft geschapen, dat wij dus schepselen zijn, en God gaan liefhebben, omdat Hij ieder van ons het leven heeft gegeven. En omdat God niet alleen Almachtig en Alwetend is, maar Zijn Liefde voor ieder mens zo groot is boven elk voorstellingsvermogen, kunnen wij God ook volledig vertrouwen en Hem ook boven alles lief hebben. Mensen zijn niet altijd te vertrouwen; vandaar dat God in Jezus Christus heeft bepaald dat wij onze naasten niet meer hoeven lief te hebben als dat wij onszelf lief hebben.  Aan onze liefde voor God zit geen grens, omdat ook God grenzeloos ieder mens lief heeft. Aan onze liefde voor de naasten zit een heel wijze, door God gegeven grens; niet meer dan de liefde voor zichzelf. Dit geldt voor ieder mens onder alle omstandigheden. Dat wij mensen God niet altijd gehoorzamen uit kinderlijke liefde, is al zo oud als de mensheid. Daarom heeft God door alle eeuwen heen ons mensen opgeroepen om niet voor de wereld te werken – natuurlijk moeten wij wel zelf ons eten verdienen en wat wij verder nodig hebben of denken nodig te hebben – maar ons geestelijk en lichamelijk door God laten voeden. Ook Jesaja deed, namens God, weer een poging om de wereldse dromen van rijkdom – vaak ten koste van anderen – om te zetten in Gods vertrouwen voor alles wat wij werkelijk nodig hebben. Zowel voor het aardse leven als voor het oneindige hiernamaals. En het werkt, kan ik u uit eigen ervaring vertellen! Ik zelf heb in mijn leven tijden van overvloed en armoede gekend, maar in mijn vertrouwen op God ben ik nooit teleurgesteld; als ik iets werkelijk nodig had, dan was het er. God maakt van ons mensen geen luie, vadsige wereldburgers, maar zorgt wel voor al Zijn kinderen, die hun vertrouwen op God hebben gesteld, zonder daarin te overdrijven. Daarom beste mensen, wie zal de liefdesband tussen de mens en God in Jezus Christus verbreken? Anders gezegd: Wie kan ons scheiden van de liefde van Jezus Christus, als wij zelf ook liefde voor Hem hebben? Natuurlijk, kwaadaardige mensen, die liever Satan dienen dan God, kunnen gelovige en liefdevolle mensen veel kwaad doen. God laat dit, vanwege de vrije wil van ons mensen vaak toe; immers vanwege dezelfde vrije wil is ook Jezus Christus, als Mens de Zoon van God en als Geest God Zelf, aan een kruis geslagen. Maar, als wij zelf onze liefde voor God nooit verliezen, dan kunnen wij wel materiële schade lijden, maar geen geestelijke schade. Dan kan geen mens en geen duivel ons scheiden van Gods liefde, ongeacht wat zij doen. Dan kunnen wij zelfs hongernoden overleven; want zoals God Elisa naar een weduwe zond die met een beetje meel en weinig olie een hongernood goed doorstond, en Jezus Christus met vijf broden en twee vissen duizenden mensen te eten gaf, kan ook God in onze tijd voorraden aanvullen, indien nodig. Hij gaf immers ook het volk van Israël manna en vlees te eten in de woestijn? Maar zolang wij mensen zelf voor ons eten kunnen zorgen, laat God onszelf ervoor werken. De twaalf korven met brokstukken had een geestelijke betekenis; dat symboliseerde de zonden tegen de Tien Geboden en tegen de twee liefdesgeboden, welke Jezus Christus ons gaf. Zoals wij deze Geboden verwerpen, alsof deze niet voor onszelf bedoeld zijn, zo bleven er ook brokken over, die de mensen niet aten. Maar een ieder die wel God gehoorzaamd en Zijn Geboden onderhoud, dus doet, die laat geen brokken over en zal zeker in de hemel komen. Wellicht ook in de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen aantreffen.

Amen.

 Cor Huizer.









© Cor Huizer 2020
Ontwerp en hosting Maartens automatisering