Religie

Schriftuitleg van zondag 26 november 2023.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt.

Schriftteksten:


Eerste lezing Ezechiël 34, 11-12.15-17

Zo spreekt God de Heer: ‘Ik zoek mijn kudde op en bezoek mijn eigen schapen. Zoals een herder omziet naar zijn kudde, en zich onder zijn schapen begeeft wanneer ze ver­strooid zijn, zo zal Ik omzien naar mijn schapen en ze in veiligheid brengen, hoe ver ze ook afgedwaald zijn ten ge­volge van mist en nevel. Ik zal mijn schapen weiden, Ik zelf zal ze laten rusten, - spreekt God de Heer -. Het vermiste schaap ga Ik zoeken, het verdwaalde breng Ik terug, het gewonde verbind Ik, het zieke geef Ik weer kracht en het gezonde en sterke blijf Ik verzorgen. Ik zal ze laten weiden zoals het behoort. En gij, mijn schapen - zo spreekt God de Heer -: Ik zal recht doen aan het ene dier tegenover het andere, tegenover ram en bok’.


Tweede lezing 1 Korintiërs 15,20-26.28

Broeders en zusters, Christus is opgestaan uit de doden als eersteling van hen die ontslapen zijn. Want omdat door een mens de dood is gekomen, komt door een mens ook de opstanding van de doden. Zoals allen sterven in Adam, zo zullen ook allen in Christus herleven. Maar ieder in zijn eigen rangorde, als eerste en voornaamste Christus, ver­volgens bij zijn komst, zij die Christus toebehoren; daarna komt het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader zal overdragen, na alle heerschappijen en alle mach­ten en krachten te hebben onttroond. Want het is vastge­steld dat Hij het koningschap zal uitoefenen, tot Hij al zijn vijanden onder zijn voeten heeft gelegd. En de laatste vij­and die vernietigd wordt, is de dood. En wanneer alles aan Hem onderworpen is, zal ook de Zoon zelf zich onderwer­pen aan Degene, die het al aan Hem onderwierp. Dan zal God zijn alles in allen.


Evangelielezing Mattheüs 25,31-46

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Wanneer de Men­senzoon komt in zijn heerlijkheid en vergezeld van alle en­gelen, dan zal Hij plaats nemen op zijn troon van glorie. Alle volken zullen vóór Hem bijeengebracht worden en Hij zal ze in twee groepen scheiden, zoals de herder een schei­ding maakt tussen schapen en bokken. De schapen zal Hij plaatsen aan zijn rechterhand, maar de bokken aan zijn linker. Dan zal de Koning tot die aan zijn rechterhand zeg­gen: Komt, gezegenden van mijn Vader, en ontvangt het rijk dat voor u gereed is vanaf de grondvesting der wereld. Want Ik had honger en gij hebt Mij te eten gegeven, Ik had dorst en gij hebt Mij te drinken gegeven, Ik was vreemde­ling en gij hebt Mij opgenomen. Ik was naakt en gij hebt Mij gekleed, Ik was ziek en gij hebt Mij bezocht, Ik was in de gevangenis en gij hebt Mij bezocht. Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden en zeggen: Heer, wan­neer hebben wij U hongerig gezien en U te eten gegeven? En wanneer zagen wij U als vreemdeling en hebben U op­genomen, of naakt en hebben U gekleed? En wanneer za­gen wij U ziek of in de gevangenis en zijn U komen bezoe­ken? De Koning zal hun ten antwoord geven: Voorwaar, Ik zeg u: al wat gij gedaan hebt voor één dezer geringsten van mijn broeders, hebt gij voor Mij gedaan. En tot die aan zijn linkerhand zal Hij dan zeggen: Gaat weg van Mij, vervloek­ten, in het eeuwig vuur dat bereid is voor de duivel en zijn trawanten. Want Ik had honger en gij hebt Mij niet te eten gegeven. Ik had dorst en gij hebt Mij niet te drinken gege­ven. Ik was een vreemdeling en gij hebt Mij niet opgeno­men, naakt en hebt Mij niet gekleed. Ik was ziek en in de gevangenis en gij zijt Mij niet komen bezoeken. Dan zullen ook zij antwoorden en zeggen: Heer, wanneer hebben wij U hongerig gezien of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis, en hebben wij niet voor U ge­zorgd? Daarop zal Hij dan antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u: al wat gij niet voor één van deze geringsten hebt gedaan, hebt gij ook voor Mij niet gedaan. En dezen zullen heen­gaan naar de eeuwige straf, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven’.

Uitleg:

Het thema van deze zondag, het Hoogfeest van Christus, Koning van het heelal, is: ‘Wat heb jij voor de ander gedaan?’. Bij God telt enkel de liefde voor God en voor de ander, niet de eigenliefde. Daarom, wat heb jij voor een ander gedaan? Wanneer de ander alleen gebruikt wordt om de eigen belangen te behartigen, dan is er sprake van eigenliefde, zelfzucht. En die weg voert eerder naar de hel, dan naar de hemel. Want alle duivels zitten vol van eigenliefde, zelfzucht, maar hebben geen spoor van liefde voor welke ander dan ook. En soort zoekt nu eenmaal soort; mensen vol van liefde voor zichzelf voelen zich, reeds hier op Aarde, maar ook in het hiernamaals, het beste thuis bij andere mensen, die zelf ook vol zijn van eigenliefde. En andersom; mensen die veel van andere mensen houden, voelen zich helemaal thuis bij mensen, die ook veel van andere mensen houden. Want die zijn van hetzelfde soort mensen. Natuurlijk zijn er ook mensen, die zich anders voordoen, dan dat zij in werkelijkheid zijn. Die mensen huichelen bijvoorbeeld veel naastenliefde, maar hun werkelijke streven is geheel gericht op zichzelf. God doorziet altijd elke mens, maar wij mensen kunnen bedrogen worden. Maar elke huichelaar valt, vroeg of laat, altijd ‘door de mand’. Op een gegeven moment krijgen mensen gewoon door hoe het met hem in waarheid in elkaar steekt. Waar hem staat moet u ook haar lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Mensen kunnen wel voor een tijd bedrogen worden, maar nimmer voor altijd. Althans die mensen, die hun ogen en verstand gebruiken, niet die mensen die diep in slaap zijn voor de werkelijkheid en de waarheid. Helaas komen steeds meer mensen, van wat waar is, geheel los te staan. Zij zien leugen voor waarheid aan en de waarheid voor leugens. Daarom zijn zij een gemakkelijke prooi voor kwade krachten en machten; want zij laten zich altijd bedriegen. Maar God is niet alleen Liefde, maar ook de Waarheid Zelf. Wie oprecht zoekt naar wat waar is en bereid is, voor de waarheid elke leugen los te laten, die vind daarom ook God. Die zal gaan beseffen dat het onmogelijk anders kan zijn, dan dat er slechts één God is, die alles wat bestaat heeft geschapen, waar ook in de oneindigheid. En alles wat bestaat buiten God is volledig in God, zoals bij ons mensen – geschapen naar Gods beeld en gelijkenis – al onze gedachten en fantasieën ook in ons zelf zijn. Het grote verschil tussen ons mensen en God is dat bij God al Zijn gedachten en ideeën werkelijkheid worden, door een krachtig ‘Er zij’ van Zijn Wil, de heilige Geest en bij ons blijven het gedachten en fantasieën zonder een werkelijk leven. Alleen wat wij ontwerpen – ook gedachten – en in de materie maken, kan werkelijkheid worden, maar wij mensen hebben daarbij materialen nodig; God heeft enkel Zijn Wil nodig, nadat God uit Liefde (de Vader) een Schepping bedacht heeft, uit Gods Wijsheid (de Zoon) geordend heeft en met Zijn Wil (de heilige Geest) tot bestaan heeft geroepen. En dat ongeacht hoe klein of groot een Schepping van God ook is; van eencellige wezens tot en met zonnen, die zo groot zijn, dat zij onze voorstellingsvermogen ver te boven gaat. Tenslotte zijn wij mensen van deze Aarde kleine wezens op een relatief kleine planeet. Toch is deze planeet, waar wij op zijn geboren, zeker niet de geringste onder de planeten, maar enkel omdat God onze planeet heeft uitverkoren om Zijn kinderen groot te brengen. Daarom is God ook Zelf Mens geworden op onze planeet, in de Mens Jezus Christus. Als Mens, lichaam en ziel, was en is Hij de Zoon van God, in Zijn Geest volledig God. En aangezien de Mens Jezus onafscheidelijk is van Zijn Geest – dus van de enige ware en levende God – is Hij de enige God die bestaat; er is geen andere God! Zelfs onmogelijk in theoretische zin. Want God is, in elk opzicht die maar denkbaar is, Oneindig, hoe kan er dan nog een andere God zijn dan Hij alleen? Onmogelijk! Elke andere god is een niet bestaande, verzonnen god, een afgod dus. Alleen God in Jezus Christus is de enige God die werkelijk bestaat; er is geen andere, zelfs theoretisch onmogelijk! En God is de Goede Herder. Zijn kudde zijn wij mensen. Maar wij mensen hebben van God een absoluut vrije wil gekregen. Daarmee kunnen wij onze Goede Herder verlaten en onze eigen wegen bewandelen. God gaat weliswaar op zoek naar elk schaap dat vermist is uit Zijn kudde – alle mensen op Aarde – mar wij mensen mogen weigeren om met onze Herder mee terug te gaan naar Zijn kudde. Of, zoals Jezus Christus het in één van Zijn vele Openbaringen heeft laten weten: ‘Zij moeten wel gaan blaten’. Anders gezegd, elk mens die de Weg naar God heeft verloren, moet zich wel laten vinden, door God te kennen te geven dat hij graag bij, ook zijn, Goede Herder wil zijn. Wie absoluut verloren wil lopen, die mag dit doen uit eigen vrije wil. Want God zal niemand ooit dwingen om een kind van God te worden; elk van ons mensen mag ook kiezen om naar de hel te gaan en het lot van Satan te gaan delen. Er is echter een zeer groot nadeel aan deze keuze, namelijk dat, omdat God Liefde is en deze Liefde ook Gods Leven, is een verblijf in de hel – waar geen spoor van liefde e vinden is – tevens een geestelijke dood. Toch kan elke helbewoner ontsnappen uit de hel, door oprecht God om genade te smeken, dat hij uit de hel zal verlost worden. Maar dat zal niet meteen gebeuren; eerst moet de narigheid van de hel een mensenziel teveel worden, voordat hij bereid is om van zijn hoogmoed en zelfzucht afstand te willen doen, door God om hulp en genade te smeken. Dat kan vele aardse eeuwen duren. Maar het is uiteindelijk de vrije wil, die een mensenziel ofwel in de hel houdt, ofwel er uit bevrijd zal worden. Want ook in de hel respecteert God de vrije wil van elke mensenziel. Dat wij mensen op Aarde allemaal de neiging hebben om ongehoorzaam te zijn aan God, dat hebben wij, zoals Paulus terecht schreef in de eerste brief aan de Korintiërs, te danken aan de zondeval van Adam en Eva. Want deze zondeval heeft hun erfelijk materiaal verander en, aangezien zij de eerste mensen op Aarde waren – waar alle mensen, ongeacht huidskleur of werelddeel – van af stammen, hebben wij de neiging tot ongehoorzaamheid allen in ons erfelijk materiaal zitten. Maar God zou geen Liefdevolle God zijn, als dat Hij ons een uitweg heeft geboden. Namelijk door Zelf op onze Aarde te gaan leven als de Man Jezus Christus. Wij mensen hoeven niets anders te gaan doen dan de Leer de Leer en de Geboden van God in Jezus Christus actief te gaan doen in ons leven op Aarde, om voor eeuwig een waarachtig kind van God te worden en te zijn. Hiermee kunnen wij de neiging tot ongehoorzaamheid aan God van ons af schudden; soms bij wedergeboorte reeds op Aarde, maar meestal in het hiernamaals. Wedergeboorte – op Aarde of in het hiernamaals – is de toestand dat onze inwonende geest onze ziel over neemt en de ziel van onze ziel wordt en daarna is. Dan zijn wij net zo volmaakt als onze Vader in de hemel volmaakt is. In de tijd waarin wij heden leven is dit echter op Aarde voor weinigen weggelegd. Maar nog slechts een gering aantal jaren en Jezus Christus is wedergekeerd op Aarde om te oordelen over levenden en doden, waar het evangelie vandaag over gaat. Hij komt niet als Mens, maar als God weer terug. De levenden zal Hij opstellen aan Zijn rechterhand, de doden aan Zijn linkerhand. In het evangelie kunt u lezen wat het lot van beide groepen is. En waarom een mens in welke groep is ingedeeld. Lees dit en kies ervoor dat u bij de groep aan  Zijn rechterhand komt te staan; want het ligt aan elke mens zelf, uit eigen vrije wil,  waar hij terecht komt. Denk echter niet dat dit het einde is aan het materiële leven op onze Aarde. Want alle mensen, die in deze tijd voor het goede hebben gekozen, of in ieder geval na de Waarschuwing voor het goede kiezen – en zich niet laten verleiden door de leugens uit de hel vandaan, om weer in zonden te vervallen – zullen op Aarde overleven, maar wel in een totaal andere wereld. Een wereld waar de liefde heerst en daarom een aards paradijs zal zijn. Maar wie van goede wil is en daarvoor ook daden van liefde doet, die zal ook dan na zijn lichamelijke dood, in een hemel worden opgenomen. Wellicht ook in de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen aantreffen.

Amen.

Cor Huizer.









© Cor Huizer 2024
Ontwerp en hosting Maartens automatisering