Religie

Schriftuitleg van zondag 22 mei 2022.

Inleiding: 

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt. 

Schriftteksten: 


Eerste lezing Handelingen 15, 1-2.22-29

In die dagen verkondigden enige mensen die van Judea waren gekomen, aan de broeders de leer: ‘Indien ge u niet naar Mozaïsch gebruik laat besnijden, kunt ge niet gered worden’. Toen hierover onenigheid ontstond en Paulus en Barnabas in een felle woordenwisseling met hen raakten, droeg men Paulus en Barnabas en enkele andere leden van de gemeente op met deze strijdvraag naar de aposte­len en oudsten in Jeruzalem te gaan. Deze besloten samen met de hele gemeente enige mannen uit hun midden te kiezen en met Paulus en Barnabas naar Antiochië te stu­ren: Judas, bijgenaamd Barsabbas, en Silas, mannen van aanzien onder de broeders, en hun het volgende schrijven mee te geven: ‘De apostelen en de oudsten zenden hun broederlijke groet aan de broeders uit de heidenen in Antiochië, Syrië en Cilicië. Daar wij gehoord hebben dat sommigen van ons u door woorden in verwarring hebben gebracht en uw gemoederen hebben verontrust, zonder dat ze van ons enige opdracht hadden gekregen, hebben wij eenstemmig besloten enige mannen uit te kiezen en naar u toe te sturen, in gezelschap van onze dierbare Barnabas en Paulus, mensen die zich geheel en al hebben ingezet voor de naam van onze Heer Jezus Christus. Wij hebben dus Judas en Silas afgevaardigd die ook mondeling hetzelfde zullen overbrengen. De heilige Geest en wij heb­ben namelijk besloten u geen zwaardere last op te leggen dan het strikt noodzakelijke: namelijk u te onthouden van spijzen die aan afgoden geofferd zijn, van bloed, van verstikt vlees en van ontucht. Als gij uzelf daarvoor in acht neemt zal het u goed gaan. Vaarwel!’. 


Tweede lezing Apocalyps 21, 10-14.22-23

Een engel bracht mij, Johannes, in de geest op een zeer hoge berg en toonde mij de heilige Stad, Jeruzalem, terwijl zij van God uit de hemel neerdaalde, stralend van de heer­lijkheid Gods; zij schitterde als het kostbaarste gesteente en als kristalheldere jaspis. De Stad was omringd door een zeer hoge muur met twaalf poorten en aan de poorten stonden twaalf engelen; namen waren daarop gegrift, de namen van de twaalf stammen van Israël. Er waren drie poorten op het Oosten, drie op het noorden, drie op het zuiden en drie op het westen. En de stadsmuur had twaalf grondstenen en daarop stonden de twaalf namen van de twaalf apostelen van het Lam. Maar een tempel zag ik er niet, want God, de Heer, de Albeheerser is haar tempel zo­als ook het Lam. En de Stad heeft het licht van zon en maan niet nodig, want de luister van God verlicht haar en haar lamp is het Lam.


Evangelielezing Johannes 14, 23-29

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en verblijf hij hem nemen. Wie Mij niet liefheeft, onderhoudt mijn woor­den niet; en het woord dat gij hoort is niet van Mij, maar van de Vader die Mij gezonden heeft. Dit zeg Ik u terwijl Ik nog bij u ben, maar de Helper, de heilige Geest die de Vader in mijn Naam zal zenden, Hij zal u alles leren en u alles in herinnering brengen wat Ik u gezegd heb. Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u. Laat uw hart niet verontrust of kleinmoedig worden. Gij hebt Mij horen zeggen: Ik ga heen naar Ik keer tot u terug. Als Gij mij zoudt liefhebben, zoudt gij er blij om zijn dat Ik naar de Vader ga, want de Vader is groter dan Ik. Nu, eer het gebeurt zeg Ik het u, opdat gij, wanneer het gebeurt, zult geloven’. 

Uitleg: 

Het thema van deze zesde zondag van Pasen is: ‘De belofte van de heilige Geest’. De belofte van de heilige Geest betrof niet alleen de apostelen, maar betreft nog steeds alle mensen van goede wil, die de Leer van Jezus Christus onderhouden, dus volgens Zijn Leer leven. En volgens een leer leven, betekent het doen van deze leer, ongeacht welke leer dan ook. Ook als een vak geleerd wordt, dan zal de beoefenaar van dit vak, zich aan de regels van het vak moeten houden, indien hij een meester in zijn vak wil worden. Waar hij staat moet u ook zij lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. En zo is het ook met de Leer van God in Jezus Christus; wie een waarachtig kind van God wil zijn, die zal ook de Leer van Hem moeten volgen, door deze toe te passen in zijn dagelijkse leven. Doen dus!  En deze Leer is heel kort samengevat; God lief hebben boven alles en de medemens, de naaste, lief hebben zoals ieder mens zichzelf lief heeft. Om dit te kunnen doen zal de zelfzucht en eigenliefde beperkt moeten worden tot het minimale, want deze eigenschappen van een mens zorgen ervoor dat er geen liefde kan ontstaan, noch voor God en noch voor de naasten. Zelfzucht, eigenliefde en de daaruit voortkomende heerszucht en hoogmoed maken de liefde voor ieder ander – dus ook voor God en de allernaasten – onmogelijk, omdat dan alle liefde gereserveerd is voor zichzelf; en voor anderen is er geen plaats meer over. Voor ieder die wel een kind van God wil worden, die zal de vorige kwalijke eigenschappen dienen te vervangen door deemoed, de moeder van de liefde, naastenliefde voor iedere medemens, ongeacht geslacht of leeftijd, zachtmoedigheid, dus kwaad met goed vergelden en geduld, ook als de medemens ergernis oproept. Laat ik deze begrippen een beetje toelichten. Liefde is vaak ook incasseren van beledigingen – per ongeluk of expres – zonder kwaad te worden. Want woede is een eigenschap uit de hel, niet vanuit de hemel; daar is enkel onderlinge liefde, dus vergeving te vinden. Woede is een reactie op het gekwetste ego, een gevolg van zelfzucht dus. Om dit te kunnen doen mag een mens zich niet verheffen boven andere mensen, dat is hoogmoed, maar zal bereid moeten zijn om iedereen te dienen. Kijk een ambt, bijvoorbeeld van een bestuurder van een land, gedeelte van een land of bedrijf, plaatst zich wel boven andere mensen en dit ambt moet gerespecteerd worden, maar de ambtenaar is niet het ambt, maar de dienaar van dit ambt en daarvoor niets meer dan een ander mens, die net als hij is geschapen om een kind van God te worden. Voor God is iedereen gelijkwaardig; God kijkt enkel naar de liefde van een mens, niet naar zijn rijkdom, aardse macht of positie in de samenleving. En de houding van weten – en toepassen – van dat ieder mens gelijkwaardig is voor God, heet deemoed. Deemoed, kan ook geschreven worden als de moed, en de wil, om iedereen te dienen in en met liefde. Naastenliefde is alleen mogelijk als men ieder mens ziet en behandeld als een broeder of een zuster en kont voort uit een deemoedige houding. God in Jezus Christus heeft ons mensen opgeroepen om ook van onze vijanden te houden, dus ook hen te helpen wanneer zij hulp nodig hebben. Niet om een ander mens – vaak uit eigen vooroordelen – te veroordelen of opzij te schuiven, omdat die andere mens, in eigen ogen, als iets onbelangrijks wordt beoordeeld. Nee, elk mensenleven, geroepen om een kind van God te worden, heeft een zeer grote waarde. Daarom doe nooit een ander iets aan, wat u niet zou willen dat een ander u zou aandoen. En dat is zachtmoedigheid, voortkomend uit een liefdevolle levenshouding. Geduld is ook in het gewone leven een grote noodzakelijkheid. Neem iemand die een gebouw wil oprichten door eigen arbeid. Hij zal eerst de materialen bijeen moeten brengen, om deze klus te klaren en daarna aan de bouw beginnen. Maar hij zal geduld moeten hebben, omdat voor het oprichten van dit gebouw tijd nodig is en er soms zelfs iets mis kan gaan. Zonder dit noodzakelijke geduld zal hij deze klus nooit kunnen klaren. Daarom is geduld van het grootste belang. Dat geldt nog meer als wij het hebben over medemensen, onze naasten. De opvoeding van kinderen vereist heel veel geduld, zoals iedere ouder u uit ervaring kan vertellen. Laat staan het omgaan met mensen, die verder van u af staan, en soms een ergerlijk gedrag vertonen, dan is het geduld bij een liefdevolle relatie uiterst noodzakelijk. En als u uw leven eens in ogenschouw neemt; hoeveel geduld hebben niet alleen uw ouders, maar ook God met u gehad, als u weer eens verkeerde dingen deed? Als u weer eens meer aan uw eigen belangen dacht en geen liefde had voor andere mensen, die het ook goed met u meenden? Nee, de weg naar God is geen gemakkelijke weg, maar de beloning is dan ook groot. De weg naar de hel lijkt heel gemakkelijk, maar het resultaat ervan is ronduit verschrikkelijk. Want voor de weg naar God moet veel eigenliefde opzij worden gezet, om op God te kunnen gelijken. De weg naar de hel gaat over het gemakkelijk lijkende pad van zelfzucht, heerszucht en hoogmoed, maar dat is de weg van alle duivels in de hel. En daar is geen leven te vinden, want daar is geen liefde te vinden en liefde en leven zijn precies hetzelfde. Daar is wel de wet te vinden, die geen leven geeft. De mensen die uit Judea kwamen, hielden zich vast aan de wet, die God aan Abraham had gegeven en door Mozes was opgeschreven, die van de besnijdenis. Paulus en Barnabas waren het daar niet mee eens, omdat God in Jezus Christus ons mensen de Weg van de liefde had gegeven en niet die van een uiterlijke ceremonie. Petrus en de bijeengeroepen vergadering, onder leiding van de heilige Geest, was het daarmee eens en vandaar dat christenen zich niet hoeven te laten besnijden, al mag het wel. Kijk, ook hier is liefde altijd de leidraad binnen de Kerk geweest. Wij mensen zitten nu in wat bijna de eindtijd is, vlak voor de wederkomst van Jezus Christus op Aarde. Satan en zijn menselijke trawanten hebben onze Aarde omgevormd tot een hel op Aarde en zij willen dolgraag alle sporen van God in Jezus Christus voorgoed van de Aarde laten verdwijnen. God kan en zal dit niet laten gebeuren en daarom heeft Hij bijna tweeduizend jaar geleden onze tijd aan Johannes geopenbaard in de Apocalyps. Hij heeft ons mensen van goede wil hoop gegeven dat, nadat Satan en allen die hem volgen, van de Aarde zijn verdreven, er een zeer goede tijd zal komen voor alle mensen, die dan nog achtergebleven zijn. Een tijd die als een visioen staat beschreven als het neerdalen van het hemelse Jeruzalem. Maar als visioen, als een geestelijk beeld, die niet in de materiële werkelijkheid zo hoeft uit te komen, zoals Johannes het gezien heeft. Maar er komt wel een tijd van echte vrede en dan zal er één Herder zijn – God in Jezus Christus – en één kudde – alle mensen die dan op Aarde leven. Dan zal iedereen God in Jezus Christus liefhebben en Zijn Leer onderhouden, dus doen. Daardoor zal er een paradijs ontstaan, omdat iedereen de naastenliefde zal doen, dus leven En waar liefde heerst, daar ontstaat er een paradijs, waar het heel goed toeven is. En dan zal God van alle mensen tempels bouwen in hun harten; tempels van liefde en zal een ieder zal vrede vinden in zijn hart. Ja, dan zal er geen geestelijke dood meer zijn, want niemand zal nog naar de hel gaan. Wel zullen mensen lichamelijk sterven, maar ieder zal voor eeuwig voortleven in de hemel. Heel veel mensenzielen leven nu reeds in het huis van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Ik denk dat vanaf de nieuwe Aarde nog meer mensenzielen daar heen gaan, dan dat heden het geval is. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal mogen aantreffen. 

Amen. 

Cor Huizer.









© Cor Huizer 2022
Ontwerp en hosting Maartens automatisering