Religie

Schriftuitleg van zondag 17 juli 2022.

Inleiding: 

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt. 

Schriftteksten: 


Eerste lezing Genesis 18, 1-10a

In die dagen verscheen de Heer aan Abraham bij de eik van Mamre, terwijl hij op het heetst van de dag bij de ingang van zijn tent zat. Hij sloeg zijn ogen op en zag plotseling drie mannen voor zich staan. Meteen liep hij van de ingang van zijn tent naar hen toe. Hij boog diep voor hen en zei: ‘Wees zo welwillend, heer, uw dienaar niet voorbij te gaan. Ik zal water laten brengen; was uw voeten en rust hier onder de boom. Ik zal brood voor u halen om u te sterken voor uw verdere reis; gij zijt niet voor niets bij uw dienaar langs gekomen’. Zij zeiden: ‘Heel graag’. Abraham ging haastig de tent in naar Sara en zei: ‘Neem gauw drie maten fijn meel, kneed het en bak er koeken van’. Daarna liep Abraham naar de kudde, zocht een lekker mals kalf uit en gaf het aan zijn knecht om het snel klaar te maken. Toen bracht hij hun kaas en melk, en het kalf dat hij had laten toebereiden, en zette hun dat alles voor. Terwijl zij aten, bleef hij bij hen staan, onder de boom. Toen vroegen ze hem: ‘Waar is Sara, uw vrouw?’. Abraham antwoordde: ‘Daar in de tent’. Toen zei de bezoeker: ‘Over een jaar kom ik weer bij u terug; dan zal Sara, uw vrouw een zoon hebben’. 


Tweede lezing Colossenzen 1, 24-28

Broeders en zusters, ik verheug mij dat ik voor u mag lijden, en in mijn lijdend lichaam aanvullen wat nog ontbreekt aan de beproevingen van de Christus, ten bate van zijn lichaam dat de kerk is. Ik ben haar dienaar geworden krachtens de opdracht die God mij gegeven heeft; namelijk om u het woord Gods te verkondigen dat verborgen was voor alle eeuwen en alle generaties, maar dat nu is geopenbaard aan zijn gelovigen. Hun heeft God bekend willen maken hoe machtig en hoe wonderbaar dit geheim is onder de heidenvolken. En dit geheim bestaat hierin: ‘Christus in u’ en ook: ‘hoop op de eeuwige heerlijkheid’. Hem verkondigen wij dus wanneer wij allen, zonder onderscheid vermanen en onderrichten met alle wijsheid die ons gegeven is om ook allen, zonder onderscheid in Christus tot volmaaktheid te brengen. 


Evangelielezing Lucas 10, 38-42

In die tijd kwam Jezus in een dorp, en een vrouw die Martha heette, ontving Hem in haar woning. Ze had een zuster, Maria die - gezeten aan de voeten van de Heer - luisterde naar zijn woorden. Martha werd in beslag genomen door de drukte van het bedienen, maar ze kwam er een ogenblik bij staan en zei: ‘Heer, laat het u onverschillig dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dan dat ze mij moet helpen’. De Heer gaf haar ten antwoord: ‘Martha, Martha, wat maak je je bezorgd en druk over veel dingen. Slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en het zal haar niet ontnomen worden’.

Uitleg: 

Het thema van deze zondag is: ‘Een zalige zomer’. Voor iedereen een zalige zomer toegewenst. Maar zalig kan een zomer alleen zijn voor een mens, als hij zich binnen Gods Orde blijft bevinden, naar Gods Geboden handelt en wandelt. Waar hij staat moet u ook zij lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Want het doen van allerlei zonden, die tegen de menselijke natuur en daarom ook tegen Gods Geboden ingaan, maakt geen mens echt gelukkig en zalig. Ik weet dat de meeste mensen, zeker in dit deel van de wereld, zich helemaal niets meer aantrekken van wat God, voor ons heil, onze zaligheid, ons mensen heeft aangeraden in Zijn Geboden en in Gods Leer. De Leer van de liefde; God liefhebben boven alles en elke naaste, elke medemens waar wij mee in aanraking komen, liefhebben, zoals ieder mens zichzelf lief heeft. Goede daden, voortvloeiend uit een oprechte liefde, maakt een mens blij en gelukkig. Slechte daden, voortvloeiend uit zelfzucht en eigenbelang, maakt een mens niet gelukkig, maar diep ongelukkig. Want liefde verenigd, zelfzucht vereenzaamd. God heeft elk mens een absoluut vrije wil gegeven, waarmee wij mensen zelf kunnen bepalen hoe wij ons leven inrichten; of wij goedaardig willen zijn, of juist kwaadaardig. Daarbij hebben wij ook een enorme groot ‘speelveld’ binnen Gods Orde gekregen met veel meer vrijheid dan dat andere mensen ons toestaan. Anders gezegd: de menselijke wetten en verordeningen zijn veel nauwer en knellender dan Gods Orde en Geboden. Wie werkelijk vrij wil zijn, zal de liefde voor God en de naasten moeten beoefenen, dus doen. Dan worden de zonden vermeden – voor zover mogelijk – en wordt een mens blij en gelukkig. Ik schreef dat zonden worden vermeden voor zover mogelijk, omdat de levensomstandigheden, door toedoen van andere mensen, soms het doen van zonden, voor het eigen inzicht en gevoel, onvermijdbaar maakt, enkel al om te kunnen overleven. Maar heb er geen plezier in om andere mensen kwaad te doen en vraag God om vergeving en om het inzicht en de kracht om in het vervolg zonden zoveel mogelijk niet te begaan; God zal een berouwvolle ziel dan zeker zijn misstappen vergeven. Bedenk dat wij alles kunnen met Gods hulp, maar eigenlijk niets zonder Zijn hulp. Zeker, voor het aardse bestaan is ons een, soms scherp, verstand gegeven en daarmee lijken wij zelf van alles te kunnen doen, ook zonder Gods hulp. Maar wie denkt dat hij Gods hulp niet nodig te hebben, die mens laat God zelf aanknoeien en helpt hem ook niet uit de, door hemzelf of andere mensen, veroorzaakte problemen. Want hij wil Gods hulp niet – hij heeft God niet nodig, denkt hij – en God gaat niet in tegen onze vrije wil, omdat wij die anders zullen kwijtraken. Kijk, God heeft ons geschapen naar Zijn beeld en gelijkenis, omdat God van ons Zijn kinderen wil maken, maar alleen als een mens dit zelf ook graag wil. Als beloning staat, als wij ons best doen om geheel naar Gods Leer en Geboden te leven, een eeuwig leven in gelukzaligheid te wachten, want God houdt van ons mensen en wil enkel het beste voor ons. Daarentegen is de grootste rebel, die uit vrije wil de ergste tegenstander van God is, namelijk Satan, geheel kwaadaardig en hij haat elke mensenziel, ook van diegenen die hem het trouwst volgen in hun opeenstapeling van allerlei zonden, ingaand tegen de eigen menselijke natuur en tegen alles wat God heeft bepaald en Geboden. Het resultaat van leven volgens de anti-orde, de chaos van een kwaadaardig, zelfzuchtig en hoogmoedig leven is de eeuwigheid van de hel. Leg, het liefst al in de vroege jeugd, je eigen geweten, een gave van God om je te leren wat goed is en wat niet goed is, het zwijgen op en doe wat ogenschijnlijk vrijheid lijkt, maar in werkelijkheid de slavernij van de zonde is en uw vernietigt daarmee uw eigen leven. Nee, niet noodzakelijk uw aardse leven, maar wel uw geestelijke leven; want leven en liefde zijn twee begrippen die precies hetzelfde zijn en, voorwaar, in de hel is er geen spoor van liefde te vinden, dus ook geen spoor van leven; en dat duurt voor eeuwig. Ga dus rustig door met het begaan van zoveel mogelijk zonden, dan pleegt u zelfmoord en komt u in het hiernamaals, daar waar u zich het best thuis voelt; namelijk de hel. Immers, niet alleen op Aarde geldt het spreekwoord: soort zoekt soort, maar ook in het hiernamaals. Wie op Aarde zichzelf een helse mentaliteit aanmeet, die heeft deze mentaliteit ook in het hiernamaals en verlangt naar zijns gelijken in de hel. Wie op Aarde zichzelf een hemelse mentaliteit aanmeet, heeft deze mentaliteit ook in het hiernamaals en verlangt naar zijns gelijke n de hemel.. En iedereen krijgt wat hij wil en verdient, maar God helpt iedereen die het goede wil, zoals in de parabel van de verloren zoon, de vader hem van verre tegemoet kwam; God doet nog meer, Hij komt ons zelfs halverwege tegemoet. En bij God kan alles. Abraham en Sara waren kinderloos en Abraham kreeg een kind van een slavin, op initiatief van Sara, omdat zij al langer leefde, dan haar vruchtbare leeftijd. Maar God kwam op bezoek bij Abraham en zou na een jaar terug komen en, ondanks de hoge leeftijd van Sara, zou zij in dat jaar een zoon baren; Izaäk. En zo geschiedde. Want bij God kunnen stille wensen, waarvan menselijkerwijze vervulling onmogelijk is, soms toch vervuld worden. En bij de christenvervolger Saulus, gebeurde het dat hij een ontmoeting had met God in Jezus Christus, op weg naar Damascus en daarna groeide hij uit tot de grote apostel voor de heidenen, die ongelooflijk veel mensen gered heeft voor het eeuwige leven. Daarbij moest hij ook lijden, maar het was zijn vreugde, omdat zijn lijden mensen voor God bekeerden. Hij bracht Gods Woord, de Leer van Jezus Christus, in alle volheid, dus waarheid, zonder een enkele leugen. Vandaar dat de vijanden van God – joodse tempeldienaren en Romeinen – hem diep haatten en hem graag kwaad wilden doen. Maar pas toen zijn tijd gekomen was, werd hij door de Romeinen onthoofd. Hij is door alle eeuwen daarna een groot voorbeeld geweest voor talloze mensen; vandaar dat het Nieuwe Testament voor een belangrijk deel gevuld is met zijn brieven aan de door hem gestichte plaatselijke christelijke gemeenten. Uiteindelijk was hij ook wedergeboren in de geest; want anders kon hij niet zeggen, zonder te liegen: ‘Niet ik leef, maar Christus leeft in mij’. Hij had dus bereikt wat Jezus Christus tegen Zijn apostelen zei: ‘Maar gij, wees zo volmaakt als dat uw Vader in de hemel volmaakt is’. Volmaakt in de liefde voor God en de naasten dus. Vandaar dat in het evangelie van vandaag, van de twee zussen, Maria het beste deel had gekozen en niet Martha. Want Martha zorgde voor Zijn lichamelijke verzorging en van die van Zijn metgezellen. Maar Maria was vol aandacht voor Zijn Leer en luisterde daarom aandachtig naar Hem. Zij zal de Leer van God in Jezus Christus met daden hebben uitgevoerd en daarom had zij het beste deel gekozen, want door de uitvoering van de Leer van Jezus Christus kan een mens volmaakt worden, zoals onze Vader in de hemel volmaakt is, maar niet door aardse zorgen. Wie naar vermogen de Leer van Jezus Christus doet, die is het die opgenomen zal worden in de hemel. Wellicht ook in de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal zullen tegenkomen.

Amen. 

Cor Huizer.

 









© Cor Huizer 2022
Ontwerp en hosting Maartens automatisering